patat heeft gegeten. uit eten is geweest. een film heeft gekeken. een wedstrijd gewonnen heeft. gefietst heeft. naar zijn neefjes/nichtjes is geweest. nieuwe kleren heeft gekocht. naar het zwembad is geweest. bordspelletjes heeft gedaan. laat naar bed is gegaan. buiten heeft gespeeld. een computerspel heeft gespeeld. heeft uitgeslapen. naar de speeltuin is geweest. bij opa en oma is geweest. gelogeerd heeft. patat heeft gegeten. uit eten is geweest. een film heeft gekeken. een wedstrijd gewonnen heeft. gefietst heeft. naar zijn neefjes/nichtjes is geweest. nieuwe kleren heeft gekocht. naar het zwembad is geweest. bordspelletjes heeft gedaan. laat naar bed is gegaan. buiten heeft gespeeld. een computerspel heeft gespeeld. heeft uitgeslapen. naar de speeltuin is geweest. bij opa en oma is geweest. gelogeerd heeft.
(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
patat heeft gegeten.
uit eten is geweest.
een film heeft gekeken.
een wedstrijd gewonnen heeft.
gefietst heeft.
naar zijn neefjes/nichtjes is geweest.
nieuwe kleren heeft gekocht.
naar het zwembad is geweest.
bordspelletjes heeft gedaan.
laat naar bed is gegaan.
buiten heeft gespeeld.
een computerspel heeft gespeeld.
heeft uitgeslapen.
naar de speeltuin is geweest.
bij opa en oma is geweest.
gelogeerd heeft.