in dezomerjarig isdie driekinderenheeftdezelfdekleursokkendraagteen rodeshirt aanheeftdie naarFrankrijkisgeweestdie vanwintersporthoudtdiegraagkooktdie eenzoon endochterheeftdiegeschiedeniseen leuk vakvindteen caviaalshuisdierheeftindezelfdemaandgeboren isbegintmet dezelfdevoorlettereensamsungheefteen l inhaar/zijnnaamheeftdie eenhond alshuisdierheefteen n inhaar/zijnnaamheeftdielinkshandigisdie pianokanspelenop dehorizonheeftgezetenin dewinterjarig isgraaghardloopteenarmbanddraagtdie zich aansluitbij deouderverenigingdieouderdan 32 isin dezomerjarig isdie driekinderenheeftdezelfdekleursokkendraagteen rodeshirt aanheeftdie naarFrankrijkisgeweestdie vanwintersporthoudtdiegraagkooktdie eenzoon endochterheeftdiegeschiedeniseen leuk vakvindteen caviaalshuisdierheeftindezelfdemaandgeboren isbegintmet dezelfdevoorlettereensamsungheefteen l inhaar/zijnnaamheeftdie eenhond alshuisdierheefteen n inhaar/zijnnaamheeftdielinkshandigisdie pianokanspelenop dehorizonheeftgezetenin dewinterjarig isgraaghardloopteenarmbanddraagtdie zich aansluitbij deouderverenigingdieouderdan 32 is

Zoek iemand die....kennismaking ouderavond - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
I
2
B
3
B
4
O
5
G
6
G
7
N
8
O
9
I
10
N
11
N
12
B
13
O
14
I
15
O
16
G
17
B
18
N
19
G
20
G
21
O
22
I
23
B
24
I
  1. I-in de zomer jarig is
  2. B-die drie kinderen heeft
  3. B-dezelfde kleur sokken draagt
  4. O-een rode shirt aan heeft
  5. G-die naar Frankrijk is geweest
  6. G-die van wintersport houdt
  7. N-die graag kookt
  8. O-die een zoon en dochter heeft
  9. I-die geschiedenis een leuk vak vindt
  10. N-een cavia als huisdier heeft
  11. N-in dezelfde maand geboren is
  12. B-begint met de zelfde voorletter
  13. O-een samsung heeft
  14. I-een l in haar/zijn naam heeft
  15. O-die een hond als huisdier heeft
  16. G-een n in haar/zijn naam heeft
  17. B-die linkshandig is
  18. N-die piano kan spelen
  19. G-op de horizon heeft gezeten
  20. G-in de winter jarig is
  21. O-graag hardloopt
  22. I-een armband draagt
  23. B-die zich aansluit bij de oudervereniging
  24. I-die ouder dan 32 is