Familie inhetbuitenlandheeftbezochtOp eenterrasheeftgezetenietsnieuwsheeftgegetenMet deauto opvakantie isgeweestIn eentent heeftgeslapenIn eenhotelheeftgeslapenMeer dan5 ijsjesheeftgegetenIn de zeeheeftgezwommenMet hetvliegtuigisgeweestHeeftgesportVeel heeftuitgeslapenHeeftgebarbecuedop eenboot heeftgezetenMet eenklasgenootjeheeftafgesprokenIn defilestondIsverbrandIn eencaravanheeftgeslapenEen boekheeftgelezenEenboterhammetpindakaasheeft gegetenBij opa enoma heeftgelogeerdzichheeftverveeldIn eenmuseumisgeweestEen nieuwevriend/vriendinheeft gemaaktInNederlandop vakantieis geweestFamilie inhetbuitenlandheeftbezochtOp eenterrasheeftgezetenietsnieuwsheeftgegetenMet deauto opvakantie isgeweestIn eentent heeftgeslapenIn eenhotelheeftgeslapenMeer dan5 ijsjesheeftgegetenIn de zeeheeftgezwommenMet hetvliegtuigisgeweestHeeftgesportVeel heeftuitgeslapenHeeftgebarbecuedop eenboot heeftgezetenMet eenklasgenootjeheeftafgesprokenIn defilestondIsverbrandIn eencaravanheeftgeslapenEen boekheeftgelezenEenboterhammetpindakaasheeft gegetenBij opa enoma heeftgelogeerdzichheeftverveeldIn eenmuseumisgeweestEen nieuwevriend/vriendinheeft gemaaktInNederlandop vakantieis geweest

Zoek iemand die in de vakantie - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
  1. Familie in het buitenland heeft bezocht
  2. Op een terras heeft gezeten
  3. iets nieuws heeft gegeten
  4. Met de auto op vakantie is geweest
  5. In een tent heeft geslapen
  6. In een hotel heeft geslapen
  7. Meer dan 5 ijsjes heeft gegeten
  8. In de zee heeft gezwommen
  9. Met het vliegtuig is geweest
  10. Heeft gesport
  11. Veel heeft uitgeslapen
  12. Heeft gebarbecued
  13. op een boot heeft gezeten
  14. Met een klasgenootje heeft afgesproken
  15. In de file stond
  16. Is verbrand
  17. In een caravan heeft geslapen
  18. Een boek heeft gelezen
  19. Een boterham met pindakaas heeft gegeten
  20. Bij opa en oma heeft gelogeerd
  21. zich heeft verveeld
  22. In een museum is geweest
  23. Een nieuwe vriend/vriendin heeft gemaakt
  24. In Nederland op vakantie is geweest