Ik kan oplossingen bedenken. Ik hou van knuffelen. Ik ben stipt en hou er van om in orde te zijn. Ik durf hulp vragen. Ik hou van grapjes uithalen. Ik weet graag veel. Ik kan goed alleen werken. Ik hou van sport beoefenen. Ik kan sorry zeggen. Ik ben handig, ik kan dingen repareren. Ik ben sterk. Ik kan goed samen werken. Ik kan volhouden als iets moeilijk is. Ik kan mooi schrijven. Ik kan mooi zingen. Ik help graag anderen. Ik hou rekening met anderen. Ik kan gepast voor mezelf opkomen. Ik kan anderen goed troosten. Ik kan mijn spulletjes netjes houden. Ik ben meestal blij en vrolijk. Ik heb veel ideeën. Ik kan vrienden maken. Ik maak graag mooie dingen. Ik kan oplossingen bedenken. Ik hou van knuffelen. Ik ben stipt en hou er van om in orde te zijn. Ik durf hulp vragen. Ik hou van grapjes uithalen. Ik weet graag veel. Ik kan goed alleen werken. Ik hou van sport beoefenen. Ik kan sorry zeggen. Ik ben handig, ik kan dingen repareren. Ik ben sterk. Ik kan goed samen werken. Ik kan volhouden als iets moeilijk is. Ik kan mooi schrijven. Ik kan mooi zingen. Ik help graag anderen. Ik hou rekening met anderen. Ik kan gepast voor mezelf opkomen. Ik kan anderen goed troosten. Ik kan mijn spulletjes netjes houden. Ik ben meestal blij en vrolijk. Ik heb veel ideeën. Ik kan vrienden maken. Ik maak graag mooie dingen.
(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
Ik kan oplossingen bedenken.
Ik hou van knuffelen.
Ik ben stipt en hou er van om in orde te zijn.
Ik durf hulp vragen.
Ik hou van grapjes uithalen.
Ik weet graag veel.
Ik kan goed alleen werken.
Ik hou van sport beoefenen.
Ik kan sorry zeggen.
Ik ben handig, ik kan dingen repareren.
Ik ben sterk.
Ik kan goed samen werken.
Ik kan volhouden als iets moeilijk is.
Ik kan mooi schrijven.
Ik kan mooi zingen.
Ik help graag anderen.
Ik hou rekening met anderen.
Ik kan gepast voor mezelf opkomen.
Ik kan anderen goed troosten.
Ik kan mijn spulletjes netjes houden.
Ik ben meestal blij en vrolijk.
Ik heb veel ideeën.
Ik kan vrienden maken.
Ik maak graag mooie dingen.