Nederlandsstuderen...geenchampagnedrinken...veelsporten...muts, sjaal,sokken ... alscadeaukrijgen...zichvervelen...buitenEuropagaan...koffiedrinken metvrienden...vuurwerkzien...nieuwefeestkledijkopen...schoenenkopen inde solden...feestjeorganiseren...op hotelslapen...niet opreis gaan...bloemenkopen...naarBrusselgaan...gsmkopen ofkrijgen...kerstboomnietwegdoen...een boeklezen in hetNederlands...een kerkbezoeken....naar dekappergaan...naar eenconcertgaan...familiebezoeken...naar decinemagaan...een taartbakken...eenvliegtuignemen...Nederlandsstuderen...geenchampagnedrinken...veelsporten...muts, sjaal,sokken ... alscadeaukrijgen...zichvervelen...buitenEuropagaan...koffiedrinken metvrienden...vuurwerkzien...nieuwefeestkledijkopen...schoenenkopen inde solden...feestjeorganiseren...op hotelslapen...niet opreis gaan...bloemenkopen...naarBrusselgaan...gsmkopen ofkrijgen...kerstboomnietwegdoen...een boeklezen in hetNederlands...een kerkbezoeken....naar dekappergaan...naar eenconcertgaan...familiebezoeken...naar decinemagaan...een taartbakken...eenvliegtuignemen...

Wat heb je in de kerstvakantie gedaan? - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
  1. Nederlands studeren ...
  2. geen champagne drinken ...
  3. veel sporten ...
  4. muts, sjaal, sokken ... als cadeau krijgen ...
  5. zich vervelen ...
  6. buiten Europa gaan ...
  7. koffie drinken met vrienden ...
  8. vuurwerk zien ...
  9. nieuwe feestkledij kopen ...
  10. schoenen kopen in de solden ...
  11. feestje organiseren ...
  12. op hotel slapen ...
  13. niet op reis gaan ...
  14. bloemen kopen ...
  15. naar Brussel gaan ...
  16. gsm kopen of krijgen ...
  17. kerstboom niet wegdoen ...
  18. een boek lezen in het Nederlands ...
  19. een kerk bezoeken ....
  20. naar de kapper gaan ...
  21. naar een concert gaan ...
  22. familie bezoeken ...
  23. naar de cinema gaan ...
  24. een taart bakken ...
  25. een vliegtuig nemen ...