Charlotte eet tomaat. Mathieu knuffelt iedereen. Femke is haar gsm verloren. Iemand drinkt een adje. Boot ligt strijk. Toon praat A.N. Iemand doet een dansje. Paard zegt dat ze een borstvergroting overweegt. Pj gaat in discussie. Stien is zat. Hanne maakt een selfie. Iemand zingt heel luid met een kinderliedje. Hanne valt van haar stoel. Emma moet geeuwen. Leen is zat. Janne vertelt een grapje. Eleni praat over haar studie. Pj helpt met afdrogen. Elise praat over eten weggooien. Sander doet een handenstand. Anker gebruikt gebarentaal. Lise moet niezen. Stien praat over haar lief. Alexander smeert een boterham voor iemand. Charlotte eet tomaat. Mathieu knuffelt iedereen. Femke is haar gsm verloren. Iemand drinkt een adje. Boot ligt strijk. Toon praat A.N. Iemand doet een dansje. Paard zegt dat ze een borstvergroting overweegt. Pj gaat in discussie. Stien is zat. Hanne maakt een selfie. Iemand zingt heel luid met een kinderliedje. Hanne valt van haar stoel. Emma moet geeuwen. Leen is zat. Janne vertelt een grapje. Eleni praat over haar studie. Pj helpt met afdrogen. Elise praat over eten weggooien. Sander doet een handenstand. Anker gebruikt gebarentaal. Lise moet niezen. Stien praat over haar lief. Alexander smeert een boterham voor iemand.
LAURA - Call List
(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
Charlotte eet tomaat.
Mathieu knuffelt iedereen.
Femke is haar gsm verloren.
Iemand drinkt een adje.
Boot ligt strijk.
Toon praat A.N.
Iemand doet een dansje.
Paard zegt dat ze een borstvergroting overweegt.
Pj gaat in discussie.
Stien is zat.
Hanne maakt een selfie.
Iemand zingt heel luid met een kinderliedje.
Hanne valt van haar stoel.
Emma moet geeuwen.
Leen is zat.
Janne vertelt een grapje.
Eleni praat over haar studie.
Pj helpt met afdrogen.
Elise praat over eten weggooien.
Sander doet een handenstand.
Anker gebruikt gebarentaal.
Lise moet niezen.
Stien praat over haar lief.
Alexander smeert een boterham voor iemand.