"Hij iswel ergdruk!"Weer eengesprekop school.Papiereninvullenlijkt jehobby.Zorgenover detoekomst."Bij mijdoet-iedat nooit."HuisSchoon-maken?Tja"Hijvoldoetniet aande norm.""Daar is-ietoch veelte oudvoor?""Tijd voormijzelf?"..."Je ziet erhelemaalniks van.""Die vanmij kan alwel....""Ach,watzielig."StarendeblikkenKind knaptuit zijn velvanwoede.Moeder/vader isdoodmoe.Kind iseenlastigeeter."Watheeft-ie?"Kniptlabels uitkleding"Hij groeiter weloverheen."Je ziet dearts vakerdan jeman/vrouw"Oh, gaathij naar hetspeciaalonderwijs?""Moet hijnogsteeds......"Therapeutdenkt kindbeter tekennen."Geefhem maareens metmij mee.""Hij iswel ergdruk!"Weer eengesprekop school.Papiereninvullenlijkt jehobby.Zorgenover detoekomst."Bij mijdoet-iedat nooit."HuisSchoon-maken?Tja"Hijvoldoetniet aande norm.""Daar is-ietoch veelte oudvoor?""Tijd voormijzelf?"..."Je ziet erhelemaalniks van.""Die vanmij kan alwel....""Ach,watzielig."StarendeblikkenKind knaptuit zijn velvanwoede.Moeder/vader isdoodmoe.Kind iseenlastigeeter."Watheeft-ie?"Kniptlabels uitkleding"Hij groeiter weloverheen."Je ziet dearts vakerdan jeman/vrouw"Oh, gaathij naar hetspeciaalonderwijs?""Moet hijnogsteeds......"Therapeutdenkt kindbeter tekennen."Geefhem maareens metmij mee."

Special needs bingo - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
  1. "Hij is wel erg druk!"
  2. Weer een gesprek op school.
  3. Papieren invullen lijkt je hobby.
  4. Zorgen over de toekomst.
  5. "Bij mij doet-ie dat nooit."
  6. Huis Schoon-maken? Tja
  7. "Hij voldoet niet aan de norm."
  8. "Daar is-ie toch veel te oud voor?"
  9. "Tijd voor mijzelf?" ...
  10. "Je ziet er helemaal niks van."
  11. "Die van mij kan al wel...."
  12. "Ach, wat zielig."
  13. Starende blikken
  14. Kind knapt uit zijn vel van woede.
  15. Moeder/ vader is doodmoe.
  16. Kind is een lastige eter.
  17. "Wat heeft-ie?"
  18. Knipt labels uit kleding
  19. "Hij groeit er wel overheen."
  20. Je ziet de arts vaker dan je man/vrouw
  21. "Oh, gaat hij naar het speciaal onderwijs?"
  22. "Moet hij nog steeds ......"
  23. Therapeut denkt kind beter te kennen.
  24. "Geef hem maar eens met mij mee."