Stimuleert eerst dehypofyse om LH (enFSH) af te geven->ovulatie, remt daarna dehypofyse om LH enFSH af te gevenUit het legeGraafsefollikel groeithet gelelichaammenstruatiepuntvormigekop met dekern van dezaadcelstimuleert hetbaarmoederslijmvlieszich klaar te makenvoor de innestelingvan de bevruchteeicelheeft tot gevolg datdebaarmoederslijmvliesafgestoten wordtLH stimuleerthet vrijkomenvan de eiceluit het follikelAanmaaknieuwezaadcellen gaattot op hogeleeftijd door.baarmoederslijmvliesgaat meer slijmafscheiden enbereidt zich voor opeen mogelijkezwangerschapbaarmoeder(uterus), eileiders (tubaeuterinae), eierstokken (ovaria)Voorraadzaadcellen isnog nietgevormd bijde geboorteDe aanmaak enrijping van ééneicel gebeurtéén keer permaandprogesteronrijping van dezaadcellen(spermatogenese), aanmaakmannelijkehormonenDe concentratieprogesteron ishet hoogst eenweek na deeisprongCervix =onderstedeelFSHLHLHOestrogenen,ProgesteronIn deeierstok vindtdan deeisprongplaatsZaadcellen, Vocht uitzaadblaasjes, Vocht uit deprostaat,de slijmlaagin debaarmoederwordtafgestotenbaarmoederslijmvlies, middelste deel van debaarmoederhet vervoeren vande eicellen uit deeierstok naar debaarmoeder, waarbijde trilharen de eicelin de goede richtinghelpenStimuleert eerst dehypofyse om LH (enFSH) af te geven->ovulatie, remt daarna dehypofyse om LH enFSH af te gevenUit het legeGraafsefollikel groeithet gelelichaammenstruatiepuntvormigekop met dekern van dezaadcelstimuleert hetbaarmoederslijmvlieszich klaar te makenvoor de innestelingvan de bevruchteeicelheeft tot gevolg datdebaarmoederslijmvliesafgestoten wordtLH stimuleerthet vrijkomenvan de eiceluit het follikelAanmaaknieuwezaadcellen gaattot op hogeleeftijd door.baarmoederslijmvliesgaat meer slijmafscheiden enbereidt zich voor opeen mogelijkezwangerschapbaarmoeder(uterus), eileiders (tubaeuterinae), eierstokken (ovaria)Voorraadzaadcellen isnog nietgevormd bijde geboorteDe aanmaak enrijping van ééneicel gebeurtéén keer permaandprogesteronrijping van dezaadcellen(spermatogenese), aanmaakmannelijkehormonenDe concentratieprogesteron ishet hoogst eenweek na deeisprongCervix =onderstedeelFSHLHLHOestrogenen,ProgesteronIn deeierstok vindtdan deeisprongplaatsZaadcellen, Vocht uitzaadblaasjes, Vocht uit deprostaat,de slijmlaagin debaarmoederwordtafgestotenbaarmoederslijmvlies, middelste deel van debaarmoederhet vervoeren vande eicellen uit deeierstok naar debaarmoeder, waarbijde trilharen de eicelin de goede richtinghelpen

Bingo geslachtsorganen - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
  1. Stimuleert eerst de hypofyse om LH (en FSH) af te geven->ovulatie, remt daarna de hypofyse om LH en FSH af te geven
  2. Uit het lege Graafse follikel groeit het gele lichaam
  3. menstruatie
  4. puntvormige kop met de kern van de zaadcel
  5. stimuleert het baarmoederslijmvlies zich klaar te maken voor de innesteling van de bevruchte eicel
  6. heeft tot gevolg dat de baarmoederslijmvlies afgestoten wordt
  7. LH stimuleert het vrijkomen van de eicel uit het follikel
  8. Aanmaak nieuwe zaadcellen gaat tot op hoge leeftijd door.
  9. baarmoederslijmvlies gaat meer slijm afscheiden en bereidt zich voor op een mogelijke zwangerschap
  10. baarmoeder (uterus), eileiders (tubae uterinae), eierstokken (ovaria)
  11. Voorraad zaadcellen is nog niet gevormd bij de geboorte
  12. De aanmaak en rijping van één eicel gebeurt één keer per maand
  13. progesteron
  14. rijping van de zaadcellen (spermatogenese), aanmaak mannelijke hormonen
  15. De concentratie progesteron is het hoogst een week na de eisprong
  16. Cervix = onderste deel
  17. FSH LH
  18. LH
  19. Oestrogenen, Progesteron
  20. In de eierstok vindt dan de eisprong plaats
  21. Zaadcellen, Vocht uit zaadblaasjes, Vocht uit de prostaat,
  22. de slijmlaag in de baarmoeder wordt afgestoten
  23. baarmoederslijmvlies, middelste deel van de baarmoeder
  24. het vervoeren van de eicellen uit de eierstok naar de baarmoeder, waarbij de trilharen de eicel in de goede richting helpen