Ik hebeenallergie (+welke).Ikspeelviool.Ik zit indeChiro.Ikspeelpiano.Ik benlinkshandig.Ik ken nogniemanduit dezegroep.Ik heb nogeen broer /zus hier opschool.Ik doe eenwatersport.Ik leesgraagboeken.Ik studeerliefsttalen.Ik zit indeScouts.Ik speelvoetbal.Ik hebeen hondalshuisdier.Ik heb mijnmondmaskerzelf gemaakt(met wathulp).Ik heb ooitietsgewonnen(+ wat).Ikspeelgitaar.Ik doegraagwiskunde.Ik heb ooiteens ietsgebroken(been,arm...).Ik hebeen katalshuisdier.Ik kommet defiets naarschool.Ik benzelfzeker.Ik kan ietsuniek (+voortonenindienmogelijk).Ik bendezemaandjarig.Ik benenigkind.Ik zit indeKSA.Ik hebeenallergie (+welke).Ikspeelviool.Ik zit indeChiro.Ikspeelpiano.Ik benlinkshandig.Ik ken nogniemanduit dezegroep.Ik heb nogeen broer /zus hier opschool.Ik doe eenwatersport.Ik leesgraagboeken.Ik studeerliefsttalen.Ik zit indeScouts.Ik speelvoetbal.Ik hebeen hondalshuisdier.Ik heb mijnmondmaskerzelf gemaakt(met wathulp).Ik heb ooitietsgewonnen(+ wat).Ikspeelgitaar.Ik doegraagwiskunde.Ik heb ooiteens ietsgebroken(been,arm...).Ik hebeen katalshuisdier.Ik kommet defiets naarschool.Ik benzelfzeker.Ik kan ietsuniek (+voortonenindienmogelijk).Ik bendezemaandjarig.Ik benenigkind.Ik zit indeKSA.

3D KLASBINGO - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
  1. Ik heb een allergie (+ welke).
  2. Ik speel viool.
  3. Ik zit in de Chiro.
  4. Ik speel piano.
  5. Ik ben linkshandig.
  6. Ik ken nog niemand uit deze groep.
  7. Ik heb nog een broer / zus hier op school.
  8. Ik doe een watersport.
  9. Ik lees graag boeken.
  10. Ik studeer liefst talen.
  11. Ik zit in de Scouts.
  12. Ik speel voetbal.
  13. Ik heb een hond als huisdier.
  14. Ik heb mijn mondmasker zelf gemaakt (met wat hulp).
  15. Ik heb ooit iets gewonnen (+ wat).
  16. Ik speel gitaar.
  17. Ik doe graag wiskunde.
  18. Ik heb ooit eens iets gebroken (been, arm...).
  19. Ik heb een kat als huisdier.
  20. Ik kom met de fiets naar school.
  21. Ik ben zelfzeker.
  22. Ik kan iets uniek (+ voortonen indien mogelijk).
  23. Ik ben deze maand jarig.
  24. Ik ben enig kind.
  25. Ik zit in de KSA.