Bij de gymheb je goedje bestgedaan. Je hebt goedje eigengrenzenaangegeven.Geenruzie ophet plein!Top!Je hebt inde pauzeiemandgeholpen. Ik benerg trotsop je.Je liep wegtoen het uitde handbegon telopen.Je hebtmij goedgeholpenvandaag.Je hebt jetaalwerkhelemaal afgekregen.Vandaagwas eenfijne dag!Je hebt in depauze goedsamengewerkt.In de gang hebje rustigsamengewerkt.Wat heb jijgoedgewerktvandaag.Je hadvandaageen goededag!Je hebt in deklas iemandgoedgeholpen.Je hebt jerekenwerkhelemaal afgekregen.Je hebtde ruziegoedopgelost.Bij de gymheb je goedje bestgedaan. Je hebt goedje eigengrenzenaangegeven.Geenruzie ophet plein!Top!Je hebt inde pauzeiemandgeholpen. Ik benerg trotsop je.Je liep wegtoen het uitde handbegon telopen.Je hebtmij goedgeholpenvandaag.Je hebt jetaalwerkhelemaal afgekregen.Vandaagwas eenfijne dag!Je hebt in depauze goedsamengewerkt.In de gang hebje rustigsamengewerkt.Wat heb jijgoedgewerktvandaag.Je hadvandaageen goededag!Je hebt in deklas iemandgoedgeholpen.Je hebt jerekenwerkhelemaal afgekregen.Je hebtde ruziegoedopgelost.

Complimenten Bingo - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
  1. Bij de gym heb je goed je best gedaan.
  2. Je hebt goed je eigen grenzen aangegeven.
  3. Geen ruzie op het plein! Top!
  4. Je hebt in de pauze iemand geholpen.
  5. Ik ben erg trots op je.
  6. Je liep weg toen het uit de hand begon te lopen.
  7. Je hebt mij goed geholpen vandaag.
  8. Je hebt je taalwerk helemaal af gekregen.
  9. Vandaag was een fijne dag!
  10. Je hebt in de pauze goed samengewerkt.
  11. In de gang heb je rustig samengewerkt.
  12. Wat heb jij goed gewerkt vandaag.
  13. Je had vandaag een goede dag!
  14. Je hebt in de klas iemand goed geholpen.
  15. Je hebt je rekenwerk helemaal af gekregen.
  16. Je hebt de ruzie goed opgelost.