eenkindheeft.vorigweekendeen uitstapheeftgedaan.gisterenNederlandsheeftgepraatgraagkooktmeer dan3 talenspreekt.boodschappendoet op demarktgisterenhet nieuwsheeftgekeken.met defiets naarschoolkomtgoed kanschilderen.gisterenheeftgepoetst.gisterenkoffie heeftgedronken.gisteren naarmuziek heeftgeluisterdgisterenheeftgestrekengraag deafwasdoet.meer danvijf neven/nichtenheeftgoedkanzingenmeer dan5 neven/nichtenheeftdeze maandnaar de zeeis geweest.gisterenmet familieheeftgebeld.gisteren naardesupermarktis geweest.gisteren naarmuziek heeftgeluisterdgoedkansporten.gisterenheeftgedanst.gisterenmet dehond heeftgewandeldgraagzwemt.eenkindheeft.vorigweekendeen uitstapheeftgedaan.gisterenNederlandsheeftgepraatgraagkooktmeer dan3 talenspreekt.boodschappendoet op demarktgisterenhet nieuwsheeftgekeken.met defiets naarschoolkomtgoed kanschilderen.gisterenheeftgepoetst.gisterenkoffie heeftgedronken.gisteren naarmuziek heeftgeluisterdgisterenheeftgestrekengraag deafwasdoet.meer danvijf neven/nichtenheeftgoedkanzingenmeer dan5 neven/nichtenheeftdeze maandnaar de zeeis geweest.gisterenmet familieheeftgebeld.gisteren naardesupermarktis geweest.gisteren naarmuziek heeftgeluisterdgoedkansporten.gisterenheeftgedanst.gisterenmet dehond heeftgewandeldgraagzwemt.

Ik zoek iemand die ... - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
  1. een kind heeft.
  2. vorig weekend een uitstap heeft gedaan.
  3. gisteren Nederlands heeft gepraat
  4. graag kookt
  5. meer dan 3 talen spreekt.
  6. boodschappen doet op de markt
  7. gisteren het nieuws heeft gekeken.
  8. met de fiets naar school komt
  9. goed kan schilderen.
  10. gisteren heeft gepoetst.
  11. gisteren koffie heeft gedronken.
  12. gisteren naar muziek heeft geluisterd
  13. gisteren heeft gestreken
  14. graag de afwas doet.
  15. meer dan vijf neven /nichten heeft
  16. goed kan zingen
  17. meer dan 5 neven/ nichten heeft
  18. deze maand naar de zee is geweest.
  19. gisteren met familie heeft gebeld.
  20. gisteren naar de supermarkt is geweest.
  21. gisteren naar muziek heeft geluisterd
  22. goed kan sporten.
  23. gisteren heeft gedanst.
  24. gisteren met de hond heeft gewandeld
  25. graag zwemt.