In Nederlandop vakantiegeweestEenoverleggehad metcollega's"Met goedNederlandsbereik jemakkelijkerje doelen"ZiekgeweestGeoefendmetexamensNederlandsGewerkt"Voor mijnexamensNederlands hoefik niet teoefenen: ik hebhet niveau al" .NaarzeegeweestEenmisverstandmet iemandgehadEenzakelijke e-mailgeschrevenEenspelfoutgemaaktGestudeerdEenstaycationgehoudenEenNederlandsboekgelezenHetnieuwsgezien ofgelezen"Ik wil een zohoog mogelijkcijfer halen voormijnNederlandseexamens".EenfilmgezienIk ruim elke weekeen uurhuiswerktijd in omte oefenen voormijn examensNederlandsIn hetbuitenlandop vakantiegeweestIn debibliotheekgeweestGesportVriendengezienEenklant/patiëntprofessioneelte woordgestaanEenwandelinggemaaktDe dagelijksemail vanwww.beterspellenbeantwoordIn Nederlandop vakantiegeweestEenoverleggehad metcollega's"Met goedNederlandsbereik jemakkelijkerje doelen"ZiekgeweestGeoefendmetexamensNederlandsGewerkt"Voor mijnexamensNederlands hoefik niet teoefenen: ik hebhet niveau al" .NaarzeegeweestEenmisverstandmet iemandgehadEenzakelijke e-mailgeschrevenEenspelfoutgemaaktGestudeerdEenstaycationgehoudenEenNederlandsboekgelezenHetnieuwsgezien ofgelezen"Ik wil een zohoog mogelijkcijfer halen voormijnNederlandseexamens".EenfilmgezienIk ruim elke weekeen uurhuiswerktijd in omte oefenen voormijn examensNederlandsIn hetbuitenlandop vakantiegeweestIn debibliotheekgeweestGesportVriendengezienEenklant/patiëntprofessioneelte woordgestaanEenwandelinggemaaktDe dagelijksemail vanwww.beterspellenbeantwoord

Zoek iemand die in de vakantie.... - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
  1. In Nederland op vakantie geweest
  2. Een overleg gehad met collega's
  3. "Met goed Nederlands bereik je makkelijker je doelen"
  4. Ziek geweest
  5. Geoefend met examens Nederlands
  6. Gewerkt
  7. "Voor mijn examens Nederlands hoef ik niet te oefenen: ik heb het niveau al" .
  8. Naar zee geweest
  9. Een misverstand met iemand gehad
  10. Een zakelijke e-mail geschreven
  11. Een spelfout gemaakt
  12. Gestudeerd
  13. Een staycation gehouden
  14. Een Nederlands boek gelezen
  15. Het nieuws gezien of gelezen
  16. "Ik wil een zo hoog mogelijk cijfer halen voor mijn Nederlandse examens".
  17. Een film gezien
  18. Ik ruim elke week een uur huiswerktijd in om te oefenen voor mijn examens Nederlands
  19. In het buitenland op vakantie geweest
  20. In de bibliotheek geweest
  21. Gesport
  22. Vrienden gezien
  23. Een klant/patiënt professioneel te woord gestaan
  24. Een wandeling gemaakt
  25. De dagelijkse mail van www.beterspellen beantwoord