Spreek jijthuisOekraïens?Spreken jouwouders eenandere taal metjou dan hetNederlands?Spreek jij metjouw papaeen anderetaal dan hetNederlands?Heb jij thuisboekenliggen inanderetalen?Spreekjij thuisTurks?Spreek jijmet jouwvrienden eenandere taal?Kan jij 'hallo'in 5verschillendetalenzeggen?Heb jijfamilieledendie eenandere taalspreken?Kan jij tot 5tellen in tweeverschillendetalen?Heb jijvrienden dieeen anderetaal thuisspreken?Kan jij jevoorstellenin eenandere taal?Spreek jijthuisArabisch?Kan jij intweeverschillendetalen een dierbenoemen?Spreek jijmet jouwomaNederlands?Spreek jijmeer dantweetalen?Spreekjij thuisFrans?Spreek jijthuisOekraïens?Spreken jouwouders eenandere taal metjou dan hetNederlands?Spreek jij metjouw papaeen anderetaal dan hetNederlands?Heb jij thuisboekenliggen inanderetalen?Spreekjij thuisTurks?Spreek jijmet jouwvrienden eenandere taal?Kan jij 'hallo'in 5verschillendetalenzeggen?Heb jijfamilieledendie eenandere taalspreken?Kan jij tot 5tellen in tweeverschillendetalen?Heb jijvrienden dieeen anderetaal thuisspreken?Kan jij jevoorstellenin eenandere taal?Spreek jijthuisArabisch?Kan jij intweeverschillendetalen een dierbenoemen?Spreek jijmet jouwomaNederlands?Spreek jijmeer dantweetalen?Spreekjij thuisFrans?

Talenbingo - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
  1. Spreek jij thuis Oekraïens?
  2. Spreken jouw ouders een andere taal met jou dan het Nederlands?
  3. Spreek jij met jouw papa een andere taal dan het Nederlands?
  4. Heb jij thuis boeken liggen in andere talen?
  5. Spreek jij thuis Turks?
  6. Spreek jij met jouw vrienden een andere taal?
  7. Kan jij 'hallo' in 5 verschillende talen zeggen?
  8. Heb jij familieleden die een andere taal spreken?
  9. Kan jij tot 5 tellen in twee verschillende talen?
  10. Heb jij vrienden die een andere taal thuis spreken?
  11. Kan jij je voorstellen in een andere taal?
  12. Spreek jij thuis Arabisch?
  13. Kan jij in twee verschillende talen een dier benoemen?
  14. Spreek jij met jouw oma Nederlands?
  15. Spreek jij meer dan twee talen?
  16. Spreek jij thuis Frans?