Wie niet sterk is, moet slim zijn. Aan de slag gaan. Op je dooie gemak. Van de bovenste plank. aan iemands lippen hangen De benen nemen. een toontje lager zingen Een gat in de lucht springen. Iets uit je duim zuigen. in een oogwenk. Over koetjes en kalfjes praten. De handen uit de mouwen steken. De wenkbrauwen fronsen. Een kijkje nemen. Er is geen touw aan vast te knopen. Er een nachtje over slapen. Zich een hoedje schrikken. De vuist ballen. Niet in zeven sloten tegelijk lopen. Als een lopend vuurtje. Elkaar in de haren vliegen. Door het dolle heen zijn. Met je mond vol tanden staan. Ergens een stokje voor steken. Als een pijl uit een boog. Wie a zegt, moet ook b zeggen. Er een potje van maken. De bloemetjes buiten zetten. Slapen als een roos. Honderduit praten. Wie niet sterk is, moet slim zijn. Aan de slag gaan. Op je dooie gemak. Van de bovenste plank. aan iemands lippen hangen De benen nemen. een toontje lager zingen Een gat in de lucht springen. Iets uit je duim zuigen. in een oogwenk. Over koetjes en kalfjes praten. De handen uit de mouwen steken. De wenkbrauwen fronsen. Een kijkje nemen. Er is geen touw aan vast te knopen. Er een nachtje over slapen. Zich een hoedje schrikken. De vuist ballen. Niet in zeven sloten tegelijk lopen. Als een lopend vuurtje. Elkaar in de haren vliegen. Door het dolle heen zijn. Met je mond vol tanden staan. Ergens een stokje voor steken. Als een pijl uit een boog. Wie a zegt, moet ook b zeggen. Er een potje van maken. De bloemetjes buiten zetten. Slapen als een roos. Honderduit praten.
BINGO - Call List
(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
Wie niet sterk is, moet slim zijn.
Aan de slag gaan.
Op je dooie gemak.
Van de bovenste plank.
aan iemands lippen hangen
De benen nemen.
een toontje lager zingen
Een gat in de lucht springen.
Iets uit je duim zuigen.
in een oogwenk.
Over koetjes en kalfjes praten.
De handen uit de mouwen steken.
De wenkbrauwen fronsen.
Een kijkje nemen.
Er is geen touw aan vast te knopen.
Er een nachtje over slapen.
Zich een hoedje schrikken.
De vuist ballen.
Niet in zeven sloten tegelijk lopen.
Als een lopend vuurtje.
Elkaar in de haren vliegen.
Door het dolle heen zijn.
Met je mond vol tanden staan.
Ergens een stokje voor steken.
Als een pijl uit een boog.
Wie a zegt, moet ook b zeggen.
Er een potje van maken.
De bloemetjes buiten zetten.
Slapen als een roos.
Honderduit praten.