debruidegomlachtheeftmeer daneen uurgereisdis eenkeer inCanadageweester gaateen glasomiemandmetkrullenIemanddraagtrozedebruidegomneemt eenslokvijfmensenmet eenbrilIemandmet driekinderenvrijgezeldebruidegomeetzat metde bruidin de klasgoed inklusseneenomade bruidneemteen slokfamilievan debruidislinkshandigEr staatiemand opde jurk vande bruidfamilie vandebruidegomkwam met2 anderepersonenmeeis eenkeer inZwedengeweestde jongstepersoondie er nuisis metpensioeniemandloopt opzijnsokkendebruidegomlachtheeftmeer daneen uurgereisdis eenkeer inCanadageweester gaateen glasomiemandmetkrullenIemanddraagtrozedebruidegomneemt eenslokvijfmensenmet eenbrilIemandmet driekinderenvrijgezeldebruidegomeetzat metde bruidin de klasgoed inklusseneenomade bruidneemteen slokfamilievan debruidislinkshandigEr staatiemand opde jurk vande bruidfamilie vandebruidegomkwam met2 anderepersonenmeeis eenkeer inZwedengeweestde jongstepersoondie er nuisis metpensioeniemandloopt opzijnsokken

Tieme Tanja - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
  1. de bruidegom lacht
  2. heeft meer dan een uur gereisd
  3. is een keer in Canada geweest
  4. er gaat een glas om
  5. iemand met krullen
  6. Iemand draagt roze
  7. de bruidegom neemt een slok
  8. vijf mensen met een bril
  9. Iemand met drie kinderen
  10. vrijgezel
  11. de bruidegom eet
  12. zat met de bruid in de klas
  13. goed in klussen
  14. een oma
  15. de bruid neemt een slok
  16. familie van de bruid
  17. is linkshandig
  18. Er staat iemand op de jurk van de bruid
  19. familie van de bruidegom
  20. kwam met 2 andere personen mee
  21. is een keer in Zweden geweest
  22. de jongste persoon die er nu is
  23. is met pensioen
  24. iemand loopt op zijn sokken