rencontrer ontmoeten se méfier de wantrouwen, oppassen voor un grand magasin een warenhuis la viande het vlees le serveur de kelner, de bediende accueillir ontvangen respirer inademen, ademen un rendez- vous een afspraak se conduire zich gedragen chez moi bij mij thuis mélanger mengen une relation een relatie, een verhouding l'odeur (v) de geur une amitié een vriendschap cuisiner koken goûter proeven abandonner verlaten, achterlaten la tartine de boterham c'est décidé het staat vast, het is besloten l'environnement (m) het milieu un/une élève (m/v) een leerling partager delen faire la connaissance de kennismaken met un amour een liefde un poisson een vis la matière het schoolvak apprécier waarderen une addition een rekening la pollution de vervuiling vendre verkopen limiter beperken, begrenzen un vignoble een wijngaard plaire bevallen, plezieren embrasser kussen, omhelzen tranquille rustig peser wegen couper snijden une épreuve een proefwerk le bois het bos l'enfance (v) de kinderjaren la page de bladzijde le désert de woestijn le collège de onderbouw le croque- monsieur de tosti une dispute een ruzie un plat een gerecht vérifier controleren, nakijken commander bestellen un sentier het pad se présenter zich voorstellen le prénom de voornaam l'attitude (v) de houding une attitude een houding les frais de kosten étudier studeren réfléchir nadenken le rayon de afdeling le cours de les de l'eau het water la pierre de steen un enseignant een onderwijzer une cave een kelder une école maternelle een kleuterschool circuler rijden, bewegen se dérouler verlopen, plaatsvinden le morceau het stukje, het stuk un repas een maaltijd l'entourage de omgeving l'étoile de ster une boisson een drank la rentrée het begin van het schooljaar les voisins de buren la météo het weer la confiture de jam un instituteur, une institutrice een meester, een juffrouw (op school) la confiance het vertrouwen un anniversaire een verjaardag la date de naissance de geboortedatum déranger storen le prix de prijs recommender aanraden l'histoire (v) de geschiedenis doux, douce zacht, zoet un exercice een oefening le port de haven une éducation een opvoeding grossir dikker worden les maths (v) de wiskunde la bouteille de fles les devoirs het huiswerk fréquenter omgaan met une inondation een overstroming le prof, le professeur de leraar le sable het zand la réponse het antwoord la fête het feest le cahier het schrift réciproque wederzijds une fleur een bloem le dessin het tekenen une formation een opleiding le goût de smaak la neige de sneeuw mordre bijten le nom de famille de achternaam la pêche het vissen l'emploi du temps (m) het lesrooster un arbre een boom faire un effort een poging doen, je best doen sévère streng scolaire school- un agriculteur een landbouwer répéter herhalen la chaleur de hitte, de warmte une menace een bedreiging poli beleefd le quartier de wijk en automne in de herfst traduire vertalen avoir soif dorst hebben faire la vaiselle afwassen le tableau het schoolbord une calculette een rekenmachine épouser trouwen le lycée de bovenbouw tomber amoureux de, amoureuse verliefd worden op par coeur uit het hoofd les gens mensen faire la cuisine koken se séparer uit elkaar gaan la montagne de berg une réduction een korting inviter à uitnodigen voor apercevoir (op)merken, waarnemen la géographie de aardrijkskunde un ado, un adolescent een tiener/jongere une île een eiland le petit déjeuner het ontbijt une langue een taal les céréales (v) de ontbijtgranen, de granen un mari een echtgenoot les environs (m) de omgeving en hiver in de winter redoubler zittenblijven couler stromen faire des courses boodschappen doen la mer de zee une boisson een drankje le secours de hulp une mémoire een geheugen consoler troosten enchanté, enchantée aangenaam la colline de heuvel souligner onderstrepen avoir faim honger hebben préparer klaarmaken, maken un produit een product une explication een uitleg le paysage het landschap le pain het brood allumer aanzetten, aansteken le chapitre het hoofdstuk ressembler à lijken op la côte de kust détruire vernielen une invitation een uitnodiging une catastrophe een ramp aller voir op bezoek gaan bij un orage het onweer, de storm en été in de zomer une école primaire een basisschool ressembler à lijken op accompagner meegaan met le lait de melk le vent de wind le trou het gat le lac het meer le prof principal de mentor une glace een ijsje le silence de stilte les jeunes (m/v) de jongeren le stylo de pen fidèle trouw l'herbe het gras réussir slagen ensemble samen le mariage de bruiloft acheter kopen une épouse een echtgenote le crayon het potlood apprendre leren humain menselijk une note een cijfer s'entendre met elkaar opschieten le livre de textes het tekstboek la plage het strand la récré, récréation de pauze le bulletin het rapport le bac, le baccalauréat het eindexamen le panier het mandje le ciel de lucht la bande de groep, het stel le marché de markt un itinéraire een route les légumes (m) de groenten manquer la classe spijbelen corriger nakijken le poids het gewicht l'oral het mondeling examen cadeau :-) le pourboire de fooi la nourriture het voedsel un adulte een volwassene un endroit een plek, een plaats maltraiter mishandelen au printemps in de lente un gâteau een taart un dessert een toetje rencontrer ontmoeten se méfier de wantrouwen, oppassen voor un grand magasin een warenhuis la viande het vlees le serveur de kelner, de bediende accueillir ontvangen respirer inademen, ademen un rendez- vous een afspraak se conduire zich gedragen chez moi bij mij thuis mélanger mengen une relation een relatie, een verhouding l'odeur (v) de geur une amitié een vriendschap cuisiner koken goûter proeven abandonner verlaten, achterlaten la tartine de boterham c'est décidé het staat vast, het is besloten l'environnement (m) het milieu un/une élève (m/v) een leerling partager delen faire la connaissance de kennismaken met un amour een liefde un poisson een vis la matière het schoolvak apprécier waarderen une addition een rekening la pollution de vervuiling vendre verkopen limiter beperken, begrenzen un vignoble een wijngaard plaire bevallen, plezieren embrasser kussen, omhelzen tranquille rustig peser wegen couper snijden une épreuve een proefwerk le bois het bos l'enfance (v) de kinderjaren la page de bladzijde le désert de woestijn le collège de onderbouw le croque- monsieur de tosti une dispute een ruzie un plat een gerecht vérifier controleren, nakijken commander bestellen un sentier het pad se présenter zich voorstellen le prénom de voornaam l'attitude (v) de houding une attitude een houding les frais de kosten étudier studeren réfléchir nadenken le rayon de afdeling le cours de les de l'eau het water la pierre de steen un enseignant een onderwijzer une cave een kelder une école maternelle een kleuterschool circuler rijden, bewegen se dérouler verlopen, plaatsvinden le morceau het stukje, het stuk un repas een maaltijd l'entourage de omgeving l'étoile de ster une boisson een drank la rentrée het begin van het schooljaar les voisins de buren la météo het weer la confiture de jam un instituteur, une institutrice een meester, een juffrouw (op school) la confiance het vertrouwen un anniversaire een verjaardag la date de naissance de geboortedatum déranger storen le prix de prijs recommender aanraden l'histoire (v) de geschiedenis doux, douce zacht, zoet un exercice een oefening le port de haven une éducation een opvoeding grossir dikker worden les maths (v) de wiskunde la bouteille de fles les devoirs het huiswerk fréquenter omgaan met une inondation een overstroming le prof, le professeur de leraar le sable het zand la réponse het antwoord la fête het feest le cahier het schrift réciproque wederzijds une fleur een bloem le dessin het tekenen une formation een opleiding le goût de smaak la neige de sneeuw mordre bijten le nom de famille de achternaam la pêche het vissen l'emploi du temps (m) het lesrooster un arbre een boom faire un effort een poging doen, je best doen sévère streng scolaire school- un agriculteur een landbouwer répéter herhalen la chaleur de hitte, de warmte une menace een bedreiging poli beleefd le quartier de wijk en automne in de herfst traduire vertalen avoir soif dorst hebben faire la vaiselle afwassen le tableau het schoolbord une calculette een rekenmachine épouser trouwen le lycée de bovenbouw tomber amoureux de, amoureuse verliefd worden op par coeur uit het hoofd les gens mensen faire la cuisine koken se séparer uit elkaar gaan la montagne de berg une réduction een korting inviter à uitnodigen voor apercevoir (op)merken, waarnemen la géographie de aardrijkskunde un ado, un adolescent een tiener/jongere une île een eiland le petit déjeuner het ontbijt une langue een taal les céréales (v) de ontbijtgranen, de granen un mari een echtgenoot les environs (m) de omgeving en hiver in de winter redoubler zittenblijven couler stromen faire des courses boodschappen doen la mer de zee une boisson een drankje le secours de hulp une mémoire een geheugen consoler troosten enchanté, enchantée aangenaam la colline de heuvel souligner onderstrepen avoir faim honger hebben préparer klaarmaken, maken un produit een product une explication een uitleg le paysage het landschap le pain het brood allumer aanzetten, aansteken le chapitre het hoofdstuk ressembler à lijken op la côte de kust détruire vernielen une invitation een uitnodiging une catastrophe een ramp aller voir op bezoek gaan bij un orage het onweer, de storm en été in de zomer une école primaire een basisschool ressembler à lijken op accompagner meegaan met le lait de melk le vent de wind le trou het gat le lac het meer le prof principal de mentor une glace een ijsje le silence de stilte les jeunes (m/v) de jongeren le stylo de pen fidèle trouw l'herbe het gras réussir slagen ensemble samen le mariage de bruiloft acheter kopen une épouse een echtgenote le crayon het potlood apprendre leren humain menselijk une note een cijfer s'entendre met elkaar opschieten le livre de textes het tekstboek la plage het strand la récré, récréation de pauze le bulletin het rapport le bac, le baccalauréat het eindexamen le panier het mandje le ciel de lucht la bande de groep, het stel le marché de markt un itinéraire een route les légumes (m) de groenten manquer la classe spijbelen corriger nakijken le poids het gewicht l'oral het mondeling examen cadeau :-) le pourboire de fooi la nourriture het voedsel un adulte een volwassene un endroit een plek, een plaats maltraiter mishandelen au printemps in de lente un gâteau een taart un dessert een toetje
(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
ontmoeten
rencontrer
wantrouwen, oppassen voor
se méfier de
een warenhuis
un grand magasin
het vlees
la viande
de kelner, de bediende
le serveur
ontvangen
accueillir
inademen, ademen
respirer
een afspraak
un rendez-vous
zich gedragen
se conduire
bij mij thuis
chez moi
mengen
mélanger
een relatie, een verhouding
une relation
de geur
l'odeur (v)
een vriendschap
une amitié
koken
cuisiner
proeven
goûter
verlaten, achterlaten
abandonner
de boterham
la tartine
het staat vast, het is besloten
c'est décidé
het milieu
l'environnement (m)
een leerling
un/une élève (m/v)
delen
partager
kennismaken met
faire la connaissance de
een liefde
un amour
een vis
un poisson
het schoolvak
la matière
waarderen
apprécier
een rekening
une addition
de vervuiling
la pollution
verkopen
vendre
beperken, begrenzen
limiter
een wijngaard
un vignoble
bevallen, plezieren
plaire
kussen, omhelzen
embrasser
rustig
tranquille
wegen
peser
snijden
couper
een proefwerk
une épreuve
het bos
le bois
de kinderjaren
l'enfance (v)
de bladzijde
la page
de woestijn
le désert
de onderbouw
le collège
de tosti
le croque-monsieur
een ruzie
une dispute
een gerecht
un plat
controleren, nakijken
vérifier
bestellen
commander
het pad
un sentier
zich voorstellen
se présenter
de voornaam
le prénom
de houding
l'attitude (v)
een houding
une attitude
de kosten
les frais
studeren
étudier
nadenken
réfléchir
de afdeling
le rayon
de les
le cours
het water
de l'eau
de steen
la pierre
een onderwijzer
un enseignant
een kelder
une cave
een kleuterschool
une école maternelle
rijden, bewegen
circuler
verlopen, plaatsvinden
se dérouler
het stukje, het stuk
le morceau
een maaltijd
un repas
de omgeving
l'entourage
de ster
l'étoile
een drank
une boisson
het begin van het schooljaar
la rentrée
de buren
les voisins
het weer
la météo
de jam
la confiture
een meester, een juffrouw (op school)
un instituteur, une institutrice
het vertrouwen
la confiance
een verjaardag
un anniversaire
de geboortedatum
la date de naissance
storen
déranger
de prijs
le prix
aanraden
recommender
de geschiedenis
l'histoire (v)
zacht, zoet
doux, douce
een oefening
un exercice
de haven
le port
een opvoeding
une éducation
dikker worden
grossir
de wiskunde
les maths (v)
de fles
la bouteille
het huiswerk
les devoirs
omgaan met
fréquenter
een overstroming
une inondation
de leraar
le prof, le professeur
het zand
le sable
het antwoord
la réponse
het feest
la fête
het schrift
le cahier
wederzijds
réciproque
een bloem
une fleur
het tekenen
le dessin
een opleiding
une formation
de smaak
le goût
de sneeuw
la neige
bijten
mordre
de achternaam
le nom de famille
het vissen
la pêche
het lesrooster
l'emploi du temps (m)
een boom
un arbre
een poging doen, je best doen
faire un effort
streng
sévère
school-
scolaire
een landbouwer
un agriculteur
herhalen
répéter
de hitte, de warmte
la chaleur
een bedreiging
une menace
beleefd
poli
de wijk
le quartier
in de herfst
en automne
vertalen
traduire
dorst hebben
avoir soif
afwassen
faire la vaiselle
het schoolbord
le tableau
een rekenmachine
une calculette
trouwen
épouser
de bovenbouw
le lycée
verliefd worden op
tomber amoureux de, amoureuse
uit het hoofd
par coeur
mensen
les gens
koken
faire la cuisine
uit elkaar gaan
se séparer
de berg
la montagne
een korting
une réduction
uitnodigen voor
inviter à
(op)merken, waarnemen
apercevoir
de aardrijkskunde
la géographie
een tiener/jongere
un ado, un adolescent
een eiland
une île
het ontbijt
le petit déjeuner
een taal
une langue
de ontbijtgranen, de granen
les céréales (v)
een echtgenoot
un mari
de omgeving
les environs (m)
in de winter
en hiver
zittenblijven
redoubler
stromen
couler
boodschappen doen
faire des courses
de zee
la mer
een drankje
une boisson
de hulp
le secours
een geheugen
une mémoire
troosten
consoler
aangenaam
enchanté, enchantée
de heuvel
la colline
onderstrepen
souligner
honger hebben
avoir faim
klaarmaken, maken
préparer
een product
un produit
een uitleg
une explication
het landschap
le paysage
het brood
le pain
aanzetten, aansteken
allumer
het hoofdstuk
le chapitre
lijken op
ressembler à
de kust
la côte
vernielen
détruire
een uitnodiging
une invitation
een ramp
une catastrophe
op bezoek gaan bij
aller voir
het onweer, de storm
un orage
in de zomer
en été
een basisschool
une école primaire
lijken op
ressembler à
meegaan met
accompagner
de melk
le lait
de wind
le vent
het gat
le trou
het meer
le lac
de mentor
le prof principal
een ijsje
une glace
de stilte
le silence
de jongeren
les jeunes (m/v)
de pen
le stylo
trouw
fidèle
het gras
l'herbe
slagen
réussir
samen
ensemble
de bruiloft
le mariage
kopen
acheter
een echtgenote
une épouse
het potlood
le crayon
leren
apprendre
menselijk
humain
een cijfer
une note
met elkaar opschieten
s'entendre
het tekstboek
le livre de textes
het strand
la plage
de pauze
la récré, récréation
het rapport
le bulletin
het eindexamen
le bac, le baccalauréat
het mandje
le panier
de lucht
le ciel
de groep, het stel
la bande
de markt
le marché
een route
un itinéraire
de groenten
les légumes (m)
spijbelen
manquer la classe
nakijken
corriger
het gewicht
le poids
het mondeling examen
l'oral
cadeau :-)
de fooi
le pourboire
het voedsel
la nourriture
een volwassene
un adulte
een plek, een plaats
un endroit
mishandelen
maltraiter
in de lente
au printemps
een taart
un gâteau
een toetje
un dessert