circuler rijden, bewegen déranger storen réfléchir nadenken le prix de prijs le paysage het landschap le vent de wind mélanger mengen les maths (v) de wiskunde le rayon de afdeling le lac het meer le secours de hulp se présenter zich voorstellen une inondation een overstroming le mariage de bruiloft réciproque wederzijds préparer klaarmaken, maken la rentrée het begin van het schooljaar se conduire zich gedragen grossir dikker worden l'environnement (m) het milieu une mémoire een geheugen ressembler à lijken op recommender aanraden corriger nakijken un plat een gerecht un adulte een volwassene aller voir op bezoek gaan bij une réduction een korting fréquenter omgaan met le nom de famille de achternaam le panier het mandje le croque- monsieur de tosti commander bestellen la côte de kust une note een cijfer tomber amoureux de, amoureuse verliefd worden op fidèle trouw un nuage een wolk scolaire school- une calculette een rekenmachine le stylo de pen une épreuve een proefwerk la confiance het vertrouwen le dessin het tekenen faire des courses boodschappen doen une addition een rekening une boisson een drank la viande het vlees avoir soif dorst hebben le lait de melk allumer aanzetten, aansteken les jeunes (m/v) de jongeren la fête het feest un sentier het pad les frais de kosten cadeau :-) la pierre de steen abandonner verlaten, achterlaten la mer de zee un instituteur, une institutrice een meester, een juffrouw (op school) accompagner meegaan met le prénom de voornaam couler stromen la nourriture het voedsel une catastrophe een ramp l'attitude (v) de houding apercevoir (op)merken, waarnemen la plage het strand se dérouler verlopen, plaatsvinden mordre bijten la tartine de boterham le trou het gat un endroit een plek, een plaats le crayon het potlood la matière het schoolvak une épouse een echtgenote le prof principal de mentor l'odeur (v) de geur au printemps in de lente l'herbe het gras un arbre een boom goûter proeven le pourboire de fooi par coeur uit het hoofd le cahier het schrift couper snijden faire un effort een poging doen, je best doen un enseignant een onderwijzer se méfier de wantrouwen, oppassen voor un dessert een toetje ressembler à lijken op chez moi bij mij thuis les environs (m) de omgeving le poids het gewicht inviter à uitnodigen voor une boisson een drankje une attitude een houding limiter beperken, begrenzen le pain het brood un anniversaire een verjaardag embrasser kussen, omhelzen vendre verkopen les voisins de buren les légumes (m) de groenten étudier studeren la pluie de regen humain menselijk le silence de stilte une explication een uitleg sévère streng détruire vernielen un poisson een vis acheter kopen la date de naissance de geboortedatum maltraiter mishandelen un exercice een oefening accueillir ontvangen les céréales (v) de ontbijtgranen, de granen de l'eau het water faire la connaissance de kennismaken met l'entourage de omgeving rencontrer ontmoeten une glace een ijsje le port de haven une fleur een bloem le bois het bos réussir slagen un agriculteur een landbouwer la pollution de vervuiling redoubler zittenblijven un mari een echtgenoot le lycée de bovenbouw épouser trouwen un vignoble een wijngaard le serveur de kelner, de bediende le collège de onderbouw le marché de markt se séparer uit elkaar gaan la chaleur de hitte, de warmte l'emploi du temps (m) het lesrooster respirer inademen, ademen un ado, un adolescent een tiener/jongere répéter herhalen l'oral het mondeling examen la pêche het vissen consoler troosten la réponse het antwoord la bouteille de fles le chapitre het hoofdstuk une relation een relatie, een verhouding le livre de textes het tekstboek un produit een product la page de bladzijde plaire bevallen, plezieren la bande de groep, het stel un repas een maaltijd le tableau het schoolbord le prof, le professeur de leraar ensemble samen la météo het weer la géographie de aardrijkskunde faire la cuisine koken le bac, le baccalauréat het eindexamen manquer la classe spijbelen avoir faim honger hebben le bulletin het rapport peser wegen l'histoire (v) de geschiedenis une menace een bedreiging un orage het onweer, de storm une île een eiland les devoirs het huiswerk un itinéraire een route doux, douce zacht, zoet faire la vaiselle afwassen le goût de smaak enchanté, enchantée aangenaam un grand magasin een warenhuis cuisiner koken tranquille rustig la confiture de jam apprécier waarderen s'entendre met elkaar opschieten une éducation een opvoeding partager delen la récré, récréation de pauze le désert de woestijn le sable het zand l'étoile de ster une formation een opleiding un gâteau een taart un rendez- vous een afspraak le cours de les la montagne de berg une école maternelle een kleuterschool l'enfance (v) de kinderjaren poli beleefd une langue een taal souligner onderstrepen les gens mensen le quartier de wijk une cave een kelder une invitation een uitnodiging la colline de heuvel une école primaire een basisschool vérifier controleren, nakijken un/une élève (m/v) een leerling en été in de zomer un amour een liefde le ciel de lucht c'est décidé het staat vast, het is besloten apprendre leren une dispute een ruzie le petit déjeuner het ontbijt traduire vertalen une amitié een vriendschap le morceau het stukje, het stuk circuler rijden, bewegen déranger storen réfléchir nadenken le prix de prijs le paysage het landschap le vent de wind mélanger mengen les maths (v) de wiskunde le rayon de afdeling le lac het meer le secours de hulp se présenter zich voorstellen une inondation een overstroming le mariage de bruiloft réciproque wederzijds préparer klaarmaken, maken la rentrée het begin van het schooljaar se conduire zich gedragen grossir dikker worden l'environnement (m) het milieu une mémoire een geheugen ressembler à lijken op recommender aanraden corriger nakijken un plat een gerecht un adulte een volwassene aller voir op bezoek gaan bij une réduction een korting fréquenter omgaan met le nom de famille de achternaam le panier het mandje le croque- monsieur de tosti commander bestellen la côte de kust une note een cijfer tomber amoureux de, amoureuse verliefd worden op fidèle trouw un nuage een wolk scolaire school- une calculette een rekenmachine le stylo de pen une épreuve een proefwerk la confiance het vertrouwen le dessin het tekenen faire des courses boodschappen doen une addition een rekening une boisson een drank la viande het vlees avoir soif dorst hebben le lait de melk allumer aanzetten, aansteken les jeunes (m/v) de jongeren la fête het feest un sentier het pad les frais de kosten cadeau :-) la pierre de steen abandonner verlaten, achterlaten la mer de zee un instituteur, une institutrice een meester, een juffrouw (op school) accompagner meegaan met le prénom de voornaam couler stromen la nourriture het voedsel une catastrophe een ramp l'attitude (v) de houding apercevoir (op)merken, waarnemen la plage het strand se dérouler verlopen, plaatsvinden mordre bijten la tartine de boterham le trou het gat un endroit een plek, een plaats le crayon het potlood la matière het schoolvak une épouse een echtgenote le prof principal de mentor l'odeur (v) de geur au printemps in de lente l'herbe het gras un arbre een boom goûter proeven le pourboire de fooi par coeur uit het hoofd le cahier het schrift couper snijden faire un effort een poging doen, je best doen un enseignant een onderwijzer se méfier de wantrouwen, oppassen voor un dessert een toetje ressembler à lijken op chez moi bij mij thuis les environs (m) de omgeving le poids het gewicht inviter à uitnodigen voor une boisson een drankje une attitude een houding limiter beperken, begrenzen le pain het brood un anniversaire een verjaardag embrasser kussen, omhelzen vendre verkopen les voisins de buren les légumes (m) de groenten étudier studeren la pluie de regen humain menselijk le silence de stilte une explication een uitleg sévère streng détruire vernielen un poisson een vis acheter kopen la date de naissance de geboortedatum maltraiter mishandelen un exercice een oefening accueillir ontvangen les céréales (v) de ontbijtgranen, de granen de l'eau het water faire la connaissance de kennismaken met l'entourage de omgeving rencontrer ontmoeten une glace een ijsje le port de haven une fleur een bloem le bois het bos réussir slagen un agriculteur een landbouwer la pollution de vervuiling redoubler zittenblijven un mari een echtgenoot le lycée de bovenbouw épouser trouwen un vignoble een wijngaard le serveur de kelner, de bediende le collège de onderbouw le marché de markt se séparer uit elkaar gaan la chaleur de hitte, de warmte l'emploi du temps (m) het lesrooster respirer inademen, ademen un ado, un adolescent een tiener/jongere répéter herhalen l'oral het mondeling examen la pêche het vissen consoler troosten la réponse het antwoord la bouteille de fles le chapitre het hoofdstuk une relation een relatie, een verhouding le livre de textes het tekstboek un produit een product la page de bladzijde plaire bevallen, plezieren la bande de groep, het stel un repas een maaltijd le tableau het schoolbord le prof, le professeur de leraar ensemble samen la météo het weer la géographie de aardrijkskunde faire la cuisine koken le bac, le baccalauréat het eindexamen manquer la classe spijbelen avoir faim honger hebben le bulletin het rapport peser wegen l'histoire (v) de geschiedenis une menace een bedreiging un orage het onweer, de storm une île een eiland les devoirs het huiswerk un itinéraire een route doux, douce zacht, zoet faire la vaiselle afwassen le goût de smaak enchanté, enchantée aangenaam un grand magasin een warenhuis cuisiner koken tranquille rustig la confiture de jam apprécier waarderen s'entendre met elkaar opschieten une éducation een opvoeding partager delen la récré, récréation de pauze le désert de woestijn le sable het zand l'étoile de ster une formation een opleiding un gâteau een taart un rendez- vous een afspraak le cours de les la montagne de berg une école maternelle een kleuterschool l'enfance (v) de kinderjaren poli beleefd une langue een taal souligner onderstrepen les gens mensen le quartier de wijk une cave een kelder une invitation een uitnodiging la colline de heuvel une école primaire een basisschool vérifier controleren, nakijken un/une élève (m/v) een leerling en été in de zomer un amour een liefde le ciel de lucht c'est décidé het staat vast, het is besloten apprendre leren une dispute een ruzie le petit déjeuner het ontbijt traduire vertalen une amitié een vriendschap le morceau het stukje, het stuk
(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
rijden, bewegen
circuler
storen
déranger
nadenken
réfléchir
de prijs
le prix
het landschap
le paysage
de wind
le vent
mengen
mélanger
de wiskunde
les maths (v)
de afdeling
le rayon
het meer
le lac
de hulp
le secours
zich voorstellen
se présenter
een overstroming
une inondation
de bruiloft
le mariage
wederzijds
réciproque
klaarmaken, maken
préparer
het begin van het schooljaar
la rentrée
zich gedragen
se conduire
dikker worden
grossir
het milieu
l'environnement (m)
een geheugen
une mémoire
lijken op
ressembler à
aanraden
recommender
nakijken
corriger
een gerecht
un plat
een volwassene
un adulte
op bezoek gaan bij
aller voir
een korting
une réduction
omgaan met
fréquenter
de achternaam
le nom de famille
het mandje
le panier
de tosti
le croque-monsieur
bestellen
commander
de kust
la côte
een cijfer
une note
verliefd worden op
tomber amoureux de, amoureuse
trouw
fidèle
een wolk
un nuage
school-
scolaire
een rekenmachine
une calculette
de pen
le stylo
een proefwerk
une épreuve
het vertrouwen
la confiance
het tekenen
le dessin
boodschappen doen
faire des courses
een rekening
une addition
een drank
une boisson
het vlees
la viande
dorst hebben
avoir soif
de melk
le lait
aanzetten, aansteken
allumer
de jongeren
les jeunes (m/v)
het feest
la fête
het pad
un sentier
de kosten
les frais
cadeau :-)
de steen
la pierre
verlaten, achterlaten
abandonner
de zee
la mer
een meester, een juffrouw (op school)
un instituteur, une institutrice
meegaan met
accompagner
de voornaam
le prénom
stromen
couler
het voedsel
la nourriture
een ramp
une catastrophe
de houding
l'attitude (v)
(op)merken, waarnemen
apercevoir
het strand
la plage
verlopen, plaatsvinden
se dérouler
bijten
mordre
de boterham
la tartine
het gat
le trou
een plek, een plaats
un endroit
het potlood
le crayon
het schoolvak
la matière
een echtgenote
une épouse
de mentor
le prof principal
de geur
l'odeur (v)
in de lente
au printemps
het gras
l'herbe
een boom
un arbre
proeven
goûter
de fooi
le pourboire
uit het hoofd
par coeur
het schrift
le cahier
snijden
couper
een poging doen, je best doen
faire un effort
een onderwijzer
un enseignant
wantrouwen, oppassen voor
se méfier de
een toetje
un dessert
lijken op
ressembler à
bij mij thuis
chez moi
de omgeving
les environs (m)
het gewicht
le poids
uitnodigen voor
inviter à
een drankje
une boisson
een houding
une attitude
beperken, begrenzen
limiter
het brood
le pain
een verjaardag
un anniversaire
kussen, omhelzen
embrasser
verkopen
vendre
de buren
les voisins
de groenten
les légumes (m)
studeren
étudier
de regen
la pluie
menselijk
humain
de stilte
le silence
een uitleg
une explication
streng
sévère
vernielen
détruire
een vis
un poisson
kopen
acheter
de geboortedatum
la date de naissance
mishandelen
maltraiter
een oefening
un exercice
ontvangen
accueillir
de ontbijtgranen, de granen
les céréales (v)
het water
de l'eau
kennismaken met
faire la connaissance de
de omgeving
l'entourage
ontmoeten
rencontrer
een ijsje
une glace
de haven
le port
een bloem
une fleur
het bos
le bois
slagen
réussir
een landbouwer
un agriculteur
de vervuiling
la pollution
zittenblijven
redoubler
een echtgenoot
un mari
de bovenbouw
le lycée
trouwen
épouser
een wijngaard
un vignoble
de kelner, de bediende
le serveur
de onderbouw
le collège
de markt
le marché
uit elkaar gaan
se séparer
de hitte, de warmte
la chaleur
het lesrooster
l'emploi du temps (m)
inademen, ademen
respirer
een tiener/jongere
un ado, un adolescent
herhalen
répéter
het mondeling examen
l'oral
het vissen
la pêche
troosten
consoler
het antwoord
la réponse
de fles
la bouteille
het hoofdstuk
le chapitre
een relatie, een verhouding
une relation
het tekstboek
le livre de textes
een product
un produit
de bladzijde
la page
bevallen, plezieren
plaire
de groep, het stel
la bande
een maaltijd
un repas
het schoolbord
le tableau
de leraar
le prof, le professeur
samen
ensemble
het weer
la météo
de aardrijkskunde
la géographie
koken
faire la cuisine
het eindexamen
le bac, le baccalauréat
spijbelen
manquer la classe
honger hebben
avoir faim
het rapport
le bulletin
wegen
peser
de geschiedenis
l'histoire (v)
een bedreiging
une menace
het onweer, de storm
un orage
een eiland
une île
het huiswerk
les devoirs
een route
un itinéraire
zacht, zoet
doux, douce
afwassen
faire la vaiselle
de smaak
le goût
aangenaam
enchanté, enchantée
een warenhuis
un grand magasin
koken
cuisiner
rustig
tranquille
de jam
la confiture
waarderen
apprécier
met elkaar opschieten
s'entendre
een opvoeding
une éducation
delen
partager
de pauze
la récré, récréation
de woestijn
le désert
het zand
le sable
de ster
l'étoile
een opleiding
une formation
een taart
un gâteau
een afspraak
un rendez-vous
de les
le cours
de berg
la montagne
een kleuterschool
une école maternelle
de kinderjaren
l'enfance (v)
beleefd
poli
een taal
une langue
onderstrepen
souligner
mensen
les gens
de wijk
le quartier
een kelder
une cave
een uitnodiging
une invitation
de heuvel
la colline
een basisschool
une école primaire
controleren, nakijken
vérifier
een leerling
un/une élève (m/v)
in de zomer
en été
een liefde
un amour
de lucht
le ciel
het staat vast, het is besloten
c'est décidé
leren
apprendre
een ruzie
une dispute
het ontbijt
le petit déjeuner
vertalen
traduire
een vriendschap
une amitié
het stukje, het stuk
le morceau