We arepublic...Iemand diehier werktwil eenstempelBarmensenkomen metje pratenIemand staatniet op degastenlijstdie er welhoort1 persoonwil tweestempelsBabynaarconcertIemandkomt eenuur ofmeer later''Waar kanik eendrankjehalen?''Iemandscant stiptop tijd hentickets''Mag ikeenkluisje?''Iemand isverkouden''EetSmakelijk''Iemand zitte etenterwijl die inde rij staatJe krijgt outfitcomplimenten.Iemandprobeertmet cashte betalen''Waaris dewc?''Iemandheeft coolemakeup op(subjectief)ALLEtickets zijngescantIemandzetdrankje opje podiumIemandkoopt 4ticketsDe kokkomt metje pratengroepjevan 6Iemanddraagt eenoutfit metmaar éénkleurGeprinteticketWe arepublic...Iemand diehier werktwil eenstempelBarmensenkomen metje pratenIemand staatniet op degastenlijstdie er welhoort1 persoonwil tweestempelsBabynaarconcertIemandkomt eenuur ofmeer later''Waar kanik eendrankjehalen?''Iemandscant stiptop tijd hentickets''Mag ikeenkluisje?''Iemand isverkouden''EetSmakelijk''Iemand zitte etenterwijl die inde rij staatJe krijgt outfitcomplimenten.Iemandprobeertmet cashte betalen''Waaris dewc?''Iemandheeft coolemakeup op(subjectief)ALLEtickets zijngescantIemandzetdrankje opje podiumIemandkoopt 4ticketsDe kokkomt metje pratengroepjevan 6Iemanddraagt eenoutfit metmaar éénkleurGeprinteticket

Ticket Bingo - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
  1. We are public...
  2. Iemand die hier werkt wil een stempel
  3. Bar mensen komen met je praten
  4. Iemand staat niet op de gastenlijst die er wel hoort
  5. 1 persoon wil twee stempels
  6. Baby naar concert
  7. Iemand komt een uur of meer later
  8. ''Waar kan ik een drankje halen?''
  9. Iemand scant stipt op tijd hen tickets
  10. ''Mag ik een kluisje?''
  11. Iemand is verkouden
  12. ''Eet Smakelijk''
  13. Iemand zit te eten terwijl die in de rij staat
  14. Je krijgt outfit complimenten.
  15. Iemand probeert met cash te betalen
  16. ''Waar is de wc?''
  17. Iemand heeft coole makeup op (subjectief)
  18. ALLE tickets zijn gescant
  19. Iemand zet drankje op je podium
  20. Iemand koopt 4 tickets
  21. De kok komt met je praten
  22. groepje van 6
  23. Iemand draagt een outfit met maar één kleur
  24. Geprinte ticket