Maak samenmetpapa/mamaeen boekje inde schrijfhoek.Doe met jeouders eenoptreden ophet podiumin de hal.Laat zien welkeknutselwerkjesen/ofwerkbladen jijgemaakt hebt.Maak eentekening metjevader/moederLaat jeschrijfschriftzien aanpapa/mama.(alleen groep 2)Laat zienwaar heteten endrinkenstaat.Laat je ouder(s)de gymzaalzien en probeerdaar een koprolte maken.Leer jeouder(s) in degymzaal desprookjesdans.Laat zien watje in demiddagkastvoor spelletjeskunt doen.Bouw samenmet jeouder(s) eenhoge toren inde bouwhoek.Lees samenmet je ouder(s)een boekje indebibliotheekhoekVerkleed jeouder in depoppenhoek.Laat zien watjullie morgengaan doenop school.Laat op hetkiesbord zienwat jij het liefstdoet opschool.Speel met jeouder(s) indepoppenhoek.Ouder:vertel wat uknap vindtvan uw kind.Vertel jouwouder(s)wie jemaatje is.Speel eenpuzzel uit depuzzelkastmet je ouder.Doe samen metpapa/mamaeen spelletjeachter decomputer van‘Bas’.Laat aan jeouder(s) jepuzzelboekjezien.Laat aan jeouder(s) zienwelke letterwe geleerdhebben.Ga ietsdrinken.Laat jeouder(s) zienwelke daghet vandaagis.Kies eentechniekdoos enlaat aan jevader/moeder zienwat je ermee kuntdoen.Maak samenmetpapa/mamaeen boekje inde schrijfhoek.Doe met jeouders eenoptreden ophet podiumin de hal.Laat zien welkeknutselwerkjesen/ofwerkbladen jijgemaakt hebt.Maak eentekening metjevader/moederLaat jeschrijfschriftzien aanpapa/mama.(alleen groep 2)Laat zienwaar heteten endrinkenstaat.Laat je ouder(s)de gymzaalzien en probeerdaar een koprolte maken.Leer jeouder(s) in degymzaal desprookjesdans.Laat zien watje in demiddagkastvoor spelletjeskunt doen.Bouw samenmet jeouder(s) eenhoge toren inde bouwhoek.Lees samenmet je ouder(s)een boekje indebibliotheekhoekVerkleed jeouder in depoppenhoek.Laat zien watjullie morgengaan doenop school.Laat op hetkiesbord zienwat jij het liefstdoet opschool.Speel met jeouder(s) indepoppenhoek.Ouder:vertel wat uknap vindtvan uw kind.Vertel jouwouder(s)wie jemaatje is.Speel eenpuzzel uit depuzzelkastmet je ouder.Doe samen metpapa/mamaeen spelletjeachter decomputer van‘Bas’.Laat aan jeouder(s) jepuzzelboekjezien.Laat aan jeouder(s) zienwelke letterwe geleerdhebben.Ga ietsdrinken.Laat jeouder(s) zienwelke daghet vandaagis.Kies eentechniekdoos enlaat aan jevader/moeder zienwat je ermee kuntdoen.

Laat je ouders de school zien: Groep 1-2 A - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
  1. Maak samen met papa/mama een boekje in de schrijfhoek.
  2. Doe met je ouders een optreden op het podium in de hal.
  3. Laat zien welke knutselwerkjes en/of werkbladen jij gemaakt hebt.
  4. Maak een tekening met je vader/moeder
  5. Laat je schrijfschrift zien aan papa/mama. (alleen groep 2)
  6. Laat zien waar het eten en drinken staat.
  7. Laat je ouder(s) de gymzaal zien en probeer daar een koprol te maken.
  8. Leer je ouder(s) in de gymzaal de sprookjesdans.
  9. Laat zien wat je in de middagkast voor spelletjes kunt doen.
  10. Bouw samen met je ouder(s) een hoge toren in de bouwhoek.
  11. Lees samen met je ouder(s) een boekje in de bibliotheekhoek
  12. Verkleed je ouder in de poppenhoek.
  13. Laat zien wat jullie morgen gaan doen op school.
  14. Laat op het kiesbord zien wat jij het liefst doet op school.
  15. Speel met je ouder(s) in de poppenhoek.
  16. Ouder: vertel wat u knap vindt van uw kind.
  17. Vertel jouw ouder(s) wie je maatje is.
  18. Speel een puzzel uit de puzzelkast met je ouder.
  19. Doe samen met papa/mama een spelletje achter de computer van ‘Bas’.
  20. Laat aan je ouder(s) je puzzelboekje zien.
  21. Laat aan je ouder(s) zien welke letter we geleerd hebben.
  22. Ga iets drinken.
  23. Laat je ouder(s) zien welke dag het vandaag is.
  24. Kies een techniekdoos en laat aan je vader/moeder zien wat je ermee kunt doen.