HeeftblauweogenIsgraagbuitenGaatregelmatignaar debioscoopHoudt vancomputerenLievelingskleuris blauwIs goedinrekenenKangoedzingenKanskateboardenSpeeltgraagvalsHeefteenhuisdierSpreektmeer danéén taalis jarig inde maandmeiHeeftbroersen/ofzussenweet wathij/zijwordenwilKangoedtekenenHoudt vanlekkeretenSlaapt uitop eenvrije dagIs weleensverhuisdiscreatiefIs buitenEuropa opvakantiegeweestHeeftwittesokkenaanDanstgraagKangoedzingenBespeelt eenmuziekinstrumentwoontop eenboerderijHoudtvanlezenHeeftmeer danéénvoornaam15jaarHoudtvan tvkijkeneetgraagpizzaHeeftschoenmaat36fan vanMcDonaldsheeftlanghaarspeeltvoetbalreist methet OVnaarschoolHeeftblauweogenIsgraagbuitenGaatregelmatignaar debioscoopHoudt vancomputerenLievelingskleuris blauwIs goedinrekenenKangoedzingenKanskateboardenSpeeltgraagvalsHeefteenhuisdierSpreektmeer danéén taalis jarig inde maandmeiHeeftbroersen/ofzussenweet wathij/zijwordenwilKangoedtekenenHoudt vanlekkeretenSlaapt uitop eenvrije dagIs weleensverhuisdiscreatiefIs buitenEuropa opvakantiegeweestHeeftwittesokkenaanDanstgraagKangoedzingenBespeelt eenmuziekinstrumentwoontop eenboerderijHoudtvanlezenHeeftmeer danéénvoornaam15jaarHoudtvan tvkijkeneetgraagpizzaHeeftschoenmaat36fan vanMcDonaldsheeftlanghaarspeeltvoetbalreist methet OVnaarschool

Leer elkaar kennen - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
B
2
O
3
B
4
O
5
B
6
N
7
I
8
N
9
N
10
N
11
O
12
B
13
I
14
G
15
G
16
G
17
O
18
I
19
N
20
G
21
I
22
G
23
B
24
B
25
N
26
G
27
B
28
I
29
O
30
O
31
N
32
O
33
I
34
I
35
G
  1. B-Heeft blauwe ogen
  2. O-Is graag buiten
  3. B-Gaat regelmatig naar de bioscoop
  4. O-Houdt van computeren
  5. B-Lievelingskleur is blauw
  6. N-Is goed in rekenen
  7. I-Kan goed zingen
  8. N-Kan skateboarden
  9. N-Speelt graag vals
  10. N-Heeft een huisdier
  11. O-Spreekt meer dan één taal
  12. B-is jarig in de maand mei
  13. I-Heeft broers en/of zussen
  14. G-weet wat hij/zij worden wil
  15. G-Kan goed tekenen
  16. G-Houdt van lekker eten
  17. O-Slaapt uit op een vrije dag
  18. I-Is wel eens verhuisd
  19. N-is creatief
  20. G-Is buiten Europa op vakantie geweest
  21. I-Heeft witte sokken aan
  22. G-Danst graag
  23. B-Kan goed zingen
  24. B-Bespeelt een muziekinstrument
  25. N-woont op een boerderij
  26. G-Houdt van lezen
  27. B-Heeft meer dan één voornaam
  28. I-15 jaar
  29. O-Houdt van tv kijken
  30. O-eet graag pizza
  31. N-Heeft schoenmaat 36
  32. O-fan van Mc Donalds
  33. I-heeft lang haar
  34. I-speelt voetbal
  35. G-reist met het OV naar school