BeleiduitleggenVoorbeeld uitdewerkelijkheidgevenOogcontactmet publiekAlgemeenbelangbenadrukkenErbovenstaanDedrieslagHet grasvoor devoetenwegmaaienPersoonlijkeaanvalStandpuntinnemenGrotenaamquotenGeplandespreek-pauzesPersoonlijkeanekdoteEigenkwalificatiesnoemenMetafoorgebruikenCijferszichtbaarmaken'Nee'schuddenHandgebarenterondersteuningverhaalBronvermeldenHumorgebruikenDe woordenvan detegenstanderaanhalenRetorischevraagstellenGespeeldewoedeSpreekvolumeafwisselenSloganherhalenOp devingerstellenSpreektempoafwisselenTwijfelzaaienBeleiduitleggenVoorbeeld uitdewerkelijkheidgevenOogcontactmet publiekAlgemeenbelangbenadrukkenErbovenstaanDedrieslagHet grasvoor devoetenwegmaaienPersoonlijkeaanvalStandpuntinnemenGrotenaamquotenGeplandespreek-pauzesPersoonlijkeanekdoteEigenkwalificatiesnoemenMetafoorgebruikenCijferszichtbaarmaken'Nee'schuddenHandgebarenterondersteuningverhaalBronvermeldenHumorgebruikenDe woordenvan detegenstanderaanhalenRetorischevraagstellenGespeeldewoedeSpreekvolumeafwisselenSloganherhalenOp devingerstellenSpreektempoafwisselenTwijfelzaaien

Debatbingo - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
  1. Beleid uitleggen
  2. Voorbeeld uit de werkelijkheid geven
  3. Oogcontact met publiek
  4. Algemeen belang benadrukken
  5. Erboven staan
  6. De drieslag
  7. Het gras voor de voeten wegmaaien
  8. Persoonlijke aanval
  9. Standpunt innemen
  10. Grote naam quoten
  11. Geplande spreek-pauzes
  12. Persoonlijke anekdote
  13. Eigen kwalificaties noemen
  14. Metafoor gebruiken
  15. Cijfers zichtbaar maken
  16. 'Nee' schudden
  17. Handgebaren ter ondersteuning verhaal
  18. Bron vermelden
  19. Humor gebruiken
  20. De woorden van de tegenstander aanhalen
  21. Retorische vraag stellen
  22. Gespeelde woede
  23. Spreek volume afwisselen
  24. Slogan herhalen
  25. Op de vingers tellen
  26. Spreektempo afwisselen
  27. Twijfel zaaien