met hetvliegtuigheeftgereisdthuis isgeblevenop vakantiegeweestnaar eenwarm landveelNetflixheeftgekekenmetklasgenotenheeftafgesprokennaar eenmarkt isgeweestzichheeftverveeldheeft uitgeslapenteveelheeftgedronkentiktok heeftopgenomeneen boekheeftgelezenniks aanschoolheeftgedaanietsnieuwsheeftgegetentot 4:00 uurisopgeblevenisverbrandnaar eenpretparkisgeweestnaarSpanje isgeweestkoningsdagheeftgevierdeenfamilieliderbij heeftgekregenvoorschoolheeftgewerktis wezenzwemmennaar eenfestival isgeweestmet detrein heeftgereisdheeftzittengamenmet hetvliegtuigheeftgereisdthuis isgeblevenop vakantiegeweestnaar eenwarm landveelNetflixheeftgekekenmetklasgenotenheeftafgesprokennaar eenmarkt isgeweestzichheeftverveeldheeft uitgeslapenteveelheeftgedronkentiktok heeftopgenomeneen boekheeftgelezenniks aanschoolheeftgedaanietsnieuwsheeftgegetentot 4:00 uurisopgeblevenisverbrandnaar eenpretparkisgeweestnaarSpanje isgeweestkoningsdagheeftgevierdeenfamilieliderbij heeftgekregenvoorschoolheeftgewerktis wezenzwemmennaar eenfestival isgeweestmet detrein heeftgereisdheeftzittengamen

vakantiebingo - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
  1. met het vliegtuig heeft gereisd
  2. thuis is gebleven
  3. op vakantie geweest naar een warm land
  4. veel Netflix heeft gekeken
  5. met klasgenoten heeft afgesproken
  6. naar een markt is geweest
  7. zich heeft verveeld
  8. heeft uit geslapen
  9. teveel heeft gedronken
  10. tiktok heeft opgenomen
  11. een boek heeft gelezen
  12. niks aan school heeft gedaan
  13. iets nieuws heeft gegeten
  14. tot 4:00 uur is opgebleven
  15. is verbrand
  16. naar een pretpark is geweest
  17. naar Spanje is geweest
  18. koningsdag heeft gevierd
  19. een familielid erbij heeft gekregen
  20. voor school heeft gewerkt
  21. is wezen zwemmen
  22. naar een festival is geweest
  23. met de trein heeft gereisd
  24. heeft zitten gamen