(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
17
18
19
20
21
22
23
24
25
26
27
28
29
30
31
32
33
34
35
36
37
38
39
40
41
42
43
44
45
46
47
48
49
50
51
52
53
54
55
56
57
58
59
60
61
62
63
64
65
66
67
68
69
70
71
72
73
74
75
76
77
78
79
80
81
82
83
84
85
86
87
88
89
90
91
piano kan spelen.
op zichzelf woont.
graag aan het tekenen is.
al eens voor de klas heeft gestaan.
naar dezelfde muziek luistert.
begint met dezelfde voorletter.
bij de Dirk werkt.
dezelfde sport leuk vindt.
graag tv kijkt.
een hond heeft als huisdier.
een paard hebben.
dezelfde eigenschappen heeft.
op dansen zitten.
een ketting draagt.
met de metro naar school gaat.
van de zomer houdt.
in de lente jarig is.
graag naar buiten gaat.
met de bus naar school gaat.
natuur een leuk vak vindt.
een goudvis heeft.
graag aan het koken is.
trompet kan spelen.
zusje(s) heeft.
van de lente houdt.
dezelfde kleur sokken heeft.
hockey speelt.
een rat heeft als huisdier.
uitkijkt naar dit jaar.
een kat als huisdier heeft.
leerkracht wil worden.
een N in haar naam heeft.
graag muziek luistert.
een cavia heeft als huisdier.
rechtshandig zijn.
in de herfst jarig is.
beeldende vorming een leuk vak vindt.
van de zon houdt.
met de trein naar werk gaat.
in dezelfde maand is geboren.
bij de plus werkt.
een armband draagt.
hetzelfde eten lekker vindt.
graag hardlopen.
tweeling is.
veel sport.
met de tram naar school gaat.
in de horeca werkt.
dezelfde huisdier heeft.
in dezelfde klas zit als jij.
al bekend is binnen de Thomas More.
graag een gesprek aangaat.
aardrijkskunde een leuk vak vindt.
bij de Jumbo werkt.
dezelfde kleur schoenen heeft.
ouder is dan 18.
van de herfst houdt.
graag in de tuin bezig is.
taal een leuk vak vindt.
linkshandig zijn.
gitaar speelt.
graag aan het lezen is.
een Samsung hebben.
werkt als oppasser.
een hamster heeft als huisdier.
muziek een leuk vak vindt.
goed kan zingen.
een I in haar naam heeft
in de winter jarig is.
een D in haar naam heeft.
met de trein naar werk gaat.met de metro naar school gaat