Is al eens opeen eilandgeweest.  Weet dehoofstadvan Albanië.  Kan minstensdriebuurlandenvan Chinanoemen. Heeft eenatlas thuis.   Kan Chiliaanwijzen opeen kaart.  Is al eensbuitenEuropageweest.  Iemand diein Frankrijkis geweest.  Houdt vanreizen.  Kent een stadmet meer dan10 miljoeninwoners.  Woont ineen dorp,niet in eenstad.  Iemand dieeen vulkaanheeftgezien. Heeft eenvlag inzijn/haarkamer.  Woontdichter bij degrens dan bijschool. Is weleens in debergengeweest. Weet dehoofdstadvan Noord-Macedonië.  Heeft familiein hetbuitenland.  Is al eens opeen eilandgeweest.  Weet dehoofstadvan Albanië.  Kan minstensdriebuurlandenvan Chinanoemen. Heeft eenatlas thuis.   Kan Chiliaanwijzen opeen kaart.  Is al eensbuitenEuropageweest.  Iemand diein Frankrijkis geweest.  Houdt vanreizen.  Kent een stadmet meer dan10 miljoeninwoners.  Woont ineen dorp,niet in eenstad.  Iemand dieeen vulkaanheeftgezien. Heeft eenvlag inzijn/haarkamer.  Woontdichter bij degrens dan bijschool. Is weleens in debergengeweest. Weet dehoofdstadvan Noord-Macedonië.  Heeft familiein hetbuitenland.  

Aardrijkskunde bingo - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
  1. Is al eens op een eiland geweest.
  2. Weet de hoofstad van Albanië.
  3. Kan minstens drie buurlanden van China noemen.
  4. Heeft een atlas thuis.
  5. Kan Chili aanwijzen op een kaart.
  6. Is al eens buiten Europa geweest.
  7. Iemand die in Frankrijk is geweest.
  8. Houdt van reizen.
  9. Kent een stad met meer dan 10 miljoen inwoners.
  10. Woont in een dorp, niet in een stad.
  11. Iemand die een vulkaan heeft gezien.
  12. Heeft een vlag in zijn/haar kamer.
  13. Woont dichter bij de grens dan bij school.
  14. Is wel eens in de bergen geweest.
  15. Weet de hoofdstad van Noord-Macedonië.
  16. Heeft familie in het buitenland.