Jij bent (eentijdje) langergeweestdan DaniëlJullie zijnsamen opvakantiegeweestJij hebtvandaag ietsnieuwsgeleerd overDaniëlJulliehebbensamen inbed gelegenJij kreegeen atjevanDaniël!Jij kent degrootstepet peevevan DaniëlJij was bij hetlaatsteverjaardagsfeestjevan Daniël(2022?)Jij gaf eenatje aanDaniël!Jij kanslechterskiën danDaniëlJulliehebbensamengedoucht ;)Jij kentDaniël alsinds demiddelbareschoolJulliehebbensamen eenwedstrijdhardgelopen.Jij hebtgeholpen metklussen op deThorbeckelaanJulliehebbensamen D&DgespeeldJij hebtgetongzoendmet DaniëlJij hebt weleenselektronicagekocht bijDaniëlJij bent (eentijdje) langergeweestdan DaniëlJullie zijnsamen opvakantiegeweestJij hebtvandaag ietsnieuwsgeleerd overDaniëlJulliehebbensamen inbed gelegenJij kreegeen atjevanDaniël!Jij kent degrootstepet peevevan DaniëlJij was bij hetlaatsteverjaardagsfeestjevan Daniël(2022?)Jij gaf eenatje aanDaniël!Jij kanslechterskiën danDaniëlJulliehebbensamengedoucht ;)Jij kentDaniël alsinds demiddelbareschoolJulliehebbensamen eenwedstrijdhardgelopen.Jij hebtgeholpen metklussen op deThorbeckelaanJulliehebbensamen D&DgespeeldJij hebtgetongzoendmet DaniëlJij hebt weleenselektronicagekocht bijDaniël

Daniël's birthday bingo! - Call List

(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.


1
2
3
4
5
6
7
8
9
10
11
12
13
14
15
16
  1. Jij bent (een tijdje) langer geweest dan Daniël
  2. Jullie zijn samen op vakantie geweest
  3. Jij hebt vandaag iets nieuws geleerd over Daniël
  4. Jullie hebben samen in bed gelegen
  5. Jij kreeg een atje van Daniël!
  6. Jij kent de grootste pet peeve van Daniël
  7. Jij was bij het laatste verjaardagsfeestje van Daniël (2022?)
  8. Jij gaf een atje aan Daniël!
  9. Jij kan slechter skiën dan Daniël
  10. Jullie hebben samen gedoucht ;)
  11. Jij kent Daniël al sinds de middelbare school
  12. Jullie hebben samen een wedstrijd hardgelopen.
  13. Jij hebt geholpen met klussen op de Thorbeckelaan
  14. Jullie hebben samen D&D gespeeld
  15. Jij hebt getongzoend met Daniël
  16. Jij hebt wel eens elektronica gekocht bij Daniël