24 giraal geld 58 pensioenfonds 21 comparatief voordeel 42 dominante strategie 55 gemiddelde heffingsdruk (= gemiddeld tarief) 47 sparen 92 eigen risico 52 degressief belastingstelsel 68 activa 84 vermogen 27 indirecte ruil 41 budgetlijn Een lijn die verschillende combinaties van twee dingen aangeeft die gekozen kunnen worden bij een bepaald budget (bijvoorbeeld vrije uren of werken). 51 besteedbaar loon (= nettoloon) 22 risico 19 betaalrekening 30 liquiditeitspercentage 77 omzet 20 chartaal geld 88 acceptatieplicht 87 vreemd vermogen 50 belastbaar inkomen 6 consumeren 95 marktwerking 18 arbeidsproductiviteit 26 hypothecaire lening 5 consumentenvertrouwen 69 afschrijving 71 balans 49 algemene heffingskorting 16 algemeen aanvaard ruilmiddel 1 alternatief aanwendbaar 85 vlottende activa 76 kapitaalgoederen 38 transactiekosten 72 crediteuren 37 ruil in natura 93 inkomensafhankelijk 29 liquide middelen 11 middelen 70 afzet 9 investeren 4 budgetlijn 97 omslagstelsel 56 gemiddeld tarief (= gemiddelde heffingsdruk) 48 aftrekpost 36 rente 67 solidariteit 83 vaste activa 80 productiewaarde (= toegevoegde waarde) 25 hyperinflatie 46 ruilen over de tijd 96 moral hazard (= moreel wangedrag) 17 arbeidsdeling 43 free rider (= meelifter) 60 progressief belastingstelsel 63 cumuleren 28 intrinsieke waarde 31 maatschappelijke geldhoeveelheid 7 deflatie 8 inflatie 61 proportioneel belastingstelsel 3 bestedingen 44 gevangenendilemma (= prisoner’s dilemma) Free! 34 reële economie 91 collectief 39 zelfvoorzienend 65 profijtbeginsel 99 sociale verzekering 98 particuliere verzekering 90 averechtse selectie 35 rekening- couranttegoed 79 productiefactoren 54 draagkrachtbeginsel 53 denivellering 82 stroomgrootheden 81 resultatenrekening 64 Lorenzcurve 74 eigen vermogen 59 primaire inkomens 75 investeren 66 secundair inkomen 57 marginaal tarief (= marginale heffingsdruk) 32 monetaire economie 40 bindende afspraak 73 debiteuren 86 voorraadgrootheden 12 opofferingskosten 94 kapitaaldekkingsstelsel 14 vrije goederen 10 koopkracht 33 nominale waarde 13 schaarste 89 asymmetrische informatie 2 behoeften 23 directe ruil 15 absoluut voordeel 78 passiva 62 rente 45 inkomensafhankelijk 24 giraal geld 58 pensioenfonds 21 comparatief voordeel 42 dominante strategie 55 gemiddelde heffingsdruk (= gemiddeld tarief) 47 sparen 92 eigen risico 52 degressief belastingstelsel 68 activa 84 vermogen 27 indirecte ruil 41 budgetlijn Een lijn die verschillende combinaties van twee dingen aangeeft die gekozen kunnen worden bij een bepaald budget (bijvoorbeeld vrije uren of werken). 51 besteedbaar loon (= nettoloon) 22 risico 19 betaalrekening 30 liquiditeitspercentage 77 omzet 20 chartaal geld 88 acceptatieplicht 87 vreemd vermogen 50 belastbaar inkomen 6 consumeren 95 marktwerking 18 arbeidsproductiviteit 26 hypothecaire lening 5 consumentenvertrouwen 69 afschrijving 71 balans 49 algemene heffingskorting 16 algemeen aanvaard ruilmiddel 1 alternatief aanwendbaar 85 vlottende activa 76 kapitaalgoederen 38 transactiekosten 72 crediteuren 37 ruil in natura 93 inkomensafhankelijk 29 liquide middelen 11 middelen 70 afzet 9 investeren 4 budgetlijn 97 omslagstelsel 56 gemiddeld tarief (= gemiddelde heffingsdruk) 48 aftrekpost 36 rente 67 solidariteit 83 vaste activa 80 productiewaarde (= toegevoegde waarde) 25 hyperinflatie 46 ruilen over de tijd 96 moral hazard (= moreel wangedrag) 17 arbeidsdeling 43 free rider (= meelifter) 60 progressief belastingstelsel 63 cumuleren 28 intrinsieke waarde 31 maatschappelijke geldhoeveelheid 7 deflatie 8 inflatie 61 proportioneel belastingstelsel 3 bestedingen 44 gevangenendilemma (= prisoner’s dilemma) Free! 34 reële economie 91 collectief 39 zelfvoorzienend 65 profijtbeginsel 99 sociale verzekering 98 particuliere verzekering 90 averechtse selectie 35 rekening- couranttegoed 79 productiefactoren 54 draagkrachtbeginsel 53 denivellering 82 stroomgrootheden 81 resultatenrekening 64 Lorenzcurve 74 eigen vermogen 59 primaire inkomens 75 investeren 66 secundair inkomen 57 marginaal tarief (= marginale heffingsdruk) 32 monetaire economie 40 bindende afspraak 73 debiteuren 86 voorraadgrootheden 12 opofferingskosten 94 kapitaaldekkingsstelsel 14 vrije goederen 10 koopkracht 33 nominale waarde 13 schaarste 89 asymmetrische informatie 2 behoeften 23 directe ruil 15 absoluut voordeel 78 passiva 62 rente 45 inkomensafhankelijk
(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
24 giraal geld
58 pensioenfonds
21 comparatief voordeel
42 dominante strategie
55 gemiddelde heffingsdruk (= gemiddeld tarief)
47 sparen
92 eigen risico
52 degressief belastingstelsel
68 activa
84 vermogen
27 indirecte ruil
41 budgetlijn Een lijn die verschillende combinaties van twee dingen aangeeft die gekozen kunnen worden bij een bepaald budget (bijvoorbeeld vrije uren of werken).
51 besteedbaar loon (= nettoloon)
22 risico
19 betaalrekening
30 liquiditeitspercentage
77 omzet
20 chartaal geld
88 acceptatieplicht
87 vreemd vermogen
50 belastbaar inkomen
6 consumeren
95 marktwerking
18 arbeidsproductiviteit
26 hypothecaire lening
5 consumentenvertrouwen
69 afschrijving
71 balans
49 algemene heffingskorting
16 algemeen aanvaard ruilmiddel
1 alternatief aanwendbaar
85 vlottende activa
76 kapitaalgoederen
38 transactiekosten
72 crediteuren
37 ruil in natura
93 inkomensafhankelijk
29 liquide middelen
11 middelen
70 afzet
9 investeren
4 budgetlijn
97 omslagstelsel
56 gemiddeld tarief (= gemiddelde heffingsdruk)
48 aftrekpost
36 rente
67 solidariteit
83 vaste activa
80 productiewaarde (= toegevoegde waarde)
25 hyperinflatie
46 ruilen over de tijd
96 moral hazard (= moreel wangedrag)
17 arbeidsdeling
43 free rider (= meelifter)
60 progressief belastingstelsel
63 cumuleren
28 intrinsieke waarde
31 maatschappelijke geldhoeveelheid
7 deflatie
8 inflatie
61 proportioneel belastingstelsel
3 bestedingen
44 gevangenendilemma (= prisoner’s dilemma)
Free!
34 reële economie
91 collectief
39 zelfvoorzienend
65 profijtbeginsel
99 sociale verzekering
98 particuliere verzekering
90 averechtse selectie
35 rekening-couranttegoed
79 productiefactoren
54 draagkrachtbeginsel
53 denivellering
82 stroomgrootheden
81 resultatenrekening
64 Lorenzcurve
74 eigen vermogen
59 primaire inkomens
75 investeren
66 secundair inkomen
57 marginaal tarief (= marginale heffingsdruk)
32 monetaire economie
40 bindende afspraak
73 debiteuren
86 voorraadgrootheden
12 opofferingskosten
94 kapitaaldekkingsstelsel
14 vrije goederen
10 koopkracht
33 nominale waarde
13 schaarste
89 asymmetrische informatie
2 behoeften
23 directe ruil
15 absoluut voordeel
78 passiva
62 rente
45 inkomensafhankelijk