76 kapitaalgoederen 79 productiefactoren 44 gevangenendilemma (= prisoner’s dilemma) 99 sociale verzekering 41 budgetlijn Een lijn die verschillende combinaties van twee dingen aangeeft die gekozen kunnen worden bij een bepaald budget (bijvoorbeeld vrije uren of werken). 30 liquiditeitspercentage 19 betaalrekening 71 balans 55 gemiddelde heffingsdruk (= gemiddeld tarief) 64 Lorenzcurve 85 vlottende activa 29 liquide middelen 67 solidariteit 61 proportioneel belastingstelsel 80 productiewaarde (= toegevoegde waarde) 62 rente 7 deflatie 93 inkomensafhankelijk 33 nominale waarde 53 denivellering 98 particuliere verzekering 83 vaste activa 92 eigen risico 74 eigen vermogen 2 behoeften 96 moral hazard (= moreel wangedrag) 95 marktwerking 43 free rider (= meelifter) 52 degressief belastingstelsel 82 stroomgrootheden 87 vreemd vermogen 57 marginaal tarief (= marginale heffingsdruk) 69 afschrijving 88 acceptatieplicht 60 progressief belastingstelsel 17 arbeidsdeling 90 averechtse selectie 37 ruil in natura 68 activa 54 draagkrachtbeginsel 9 investeren 26 hypothecaire lening 40 bindende afspraak 15 absoluut voordeel 23 directe ruil 50 belastbaar inkomen 39 zelfvoorzienend 8 inflatie 28 intrinsieke waarde 1 alternatief aanwendbaar 81 resultatenrekening 56 gemiddeld tarief (= gemiddelde heffingsdruk) 25 hyperinflatie 14 vrije goederen 21 comparatief voordeel 94 kapitaaldekkingsstelsel 75 investeren 45 inkomensafhankelijk 91 collectief 12 opofferingskosten Free! 77 omzet 11 middelen 22 risico 59 primaire inkomens 89 asymmetrische informatie 35 rekening- couranttegoed 66 secundair inkomen 63 cumuleren 73 debiteuren 46 ruilen over de tijd 3 bestedingen 72 crediteuren 32 monetaire economie 48 aftrekpost 84 vermogen 58 pensioenfonds 10 koopkracht 97 omslagstelsel 65 profijtbeginsel 27 indirecte ruil 16 algemeen aanvaard ruilmiddel 13 schaarste 42 dominante strategie 51 besteedbaar loon (= nettoloon) 6 consumeren 31 maatschappelijke geldhoeveelheid 36 rente 5 consumentenvertrouwen 18 arbeidsproductiviteit 34 reële economie 86 voorraadgrootheden 24 giraal geld 4 budgetlijn 70 afzet 49 algemene heffingskorting 78 passiva 47 sparen 38 transactiekosten 20 chartaal geld 76 kapitaalgoederen 79 productiefactoren 44 gevangenendilemma (= prisoner’s dilemma) 99 sociale verzekering 41 budgetlijn Een lijn die verschillende combinaties van twee dingen aangeeft die gekozen kunnen worden bij een bepaald budget (bijvoorbeeld vrije uren of werken). 30 liquiditeitspercentage 19 betaalrekening 71 balans 55 gemiddelde heffingsdruk (= gemiddeld tarief) 64 Lorenzcurve 85 vlottende activa 29 liquide middelen 67 solidariteit 61 proportioneel belastingstelsel 80 productiewaarde (= toegevoegde waarde) 62 rente 7 deflatie 93 inkomensafhankelijk 33 nominale waarde 53 denivellering 98 particuliere verzekering 83 vaste activa 92 eigen risico 74 eigen vermogen 2 behoeften 96 moral hazard (= moreel wangedrag) 95 marktwerking 43 free rider (= meelifter) 52 degressief belastingstelsel 82 stroomgrootheden 87 vreemd vermogen 57 marginaal tarief (= marginale heffingsdruk) 69 afschrijving 88 acceptatieplicht 60 progressief belastingstelsel 17 arbeidsdeling 90 averechtse selectie 37 ruil in natura 68 activa 54 draagkrachtbeginsel 9 investeren 26 hypothecaire lening 40 bindende afspraak 15 absoluut voordeel 23 directe ruil 50 belastbaar inkomen 39 zelfvoorzienend 8 inflatie 28 intrinsieke waarde 1 alternatief aanwendbaar 81 resultatenrekening 56 gemiddeld tarief (= gemiddelde heffingsdruk) 25 hyperinflatie 14 vrije goederen 21 comparatief voordeel 94 kapitaaldekkingsstelsel 75 investeren 45 inkomensafhankelijk 91 collectief 12 opofferingskosten Free! 77 omzet 11 middelen 22 risico 59 primaire inkomens 89 asymmetrische informatie 35 rekening- couranttegoed 66 secundair inkomen 63 cumuleren 73 debiteuren 46 ruilen over de tijd 3 bestedingen 72 crediteuren 32 monetaire economie 48 aftrekpost 84 vermogen 58 pensioenfonds 10 koopkracht 97 omslagstelsel 65 profijtbeginsel 27 indirecte ruil 16 algemeen aanvaard ruilmiddel 13 schaarste 42 dominante strategie 51 besteedbaar loon (= nettoloon) 6 consumeren 31 maatschappelijke geldhoeveelheid 36 rente 5 consumentenvertrouwen 18 arbeidsproductiviteit 34 reële economie 86 voorraadgrootheden 24 giraal geld 4 budgetlijn 70 afzet 49 algemene heffingskorting 78 passiva 47 sparen 38 transactiekosten 20 chartaal geld
(Print) Use this randomly generated list as your call list when playing the game. There is no need to say the BINGO column name. Place some kind of mark (like an X, a checkmark, a dot, tally mark, etc) on each cell as you announce it, to keep track. You can also cut out each item, place them in a bag and pull words from the bag.
76 kapitaalgoederen
79 productiefactoren
44 gevangenendilemma (= prisoner’s dilemma)
99 sociale verzekering
41 budgetlijn Een lijn die verschillende combinaties van twee dingen aangeeft die gekozen kunnen worden bij een bepaald budget (bijvoorbeeld vrije uren of werken).
30 liquiditeitspercentage
19 betaalrekening
71 balans
55 gemiddelde heffingsdruk (= gemiddeld tarief)
64 Lorenzcurve
85 vlottende activa
29 liquide middelen
67 solidariteit
61 proportioneel belastingstelsel
80 productiewaarde (= toegevoegde waarde)
62 rente
7 deflatie
93 inkomensafhankelijk
33 nominale waarde
53 denivellering
98 particuliere verzekering
83 vaste activa
92 eigen risico
74 eigen vermogen
2 behoeften
96 moral hazard (= moreel wangedrag)
95 marktwerking
43 free rider (= meelifter)
52 degressief belastingstelsel
82 stroomgrootheden
87 vreemd vermogen
57 marginaal tarief (= marginale heffingsdruk)
69 afschrijving
88 acceptatieplicht
60 progressief belastingstelsel
17 arbeidsdeling
90 averechtse selectie
37 ruil in natura
68 activa
54 draagkrachtbeginsel
9 investeren
26 hypothecaire lening
40 bindende afspraak
15 absoluut voordeel
23 directe ruil
50 belastbaar inkomen
39 zelfvoorzienend
8 inflatie
28 intrinsieke waarde
1 alternatief aanwendbaar
81 resultatenrekening
56 gemiddeld tarief (= gemiddelde heffingsdruk)
25 hyperinflatie
14 vrije goederen
21 comparatief voordeel
94 kapitaaldekkingsstelsel
75 investeren
45 inkomensafhankelijk
91 collectief
12 opofferingskosten
Free!
77 omzet
11 middelen
22 risico
59 primaire inkomens
89 asymmetrische informatie
35 rekening-couranttegoed
66 secundair inkomen
63 cumuleren
73 debiteuren
46 ruilen over de tijd
3 bestedingen
72 crediteuren
32 monetaire economie
48 aftrekpost
84 vermogen
58 pensioenfonds
10 koopkracht
97 omslagstelsel
65 profijtbeginsel
27 indirecte ruil
16 algemeen aanvaard ruilmiddel
13 schaarste
42 dominante strategie
51 besteedbaar loon (= nettoloon)
6 consumeren
31 maatschappelijke geldhoeveelheid
36 rente
5 consumentenvertrouwen
18 arbeidsproductiviteit
34 reële economie
86 voorraadgrootheden
24 giraal geld
4 budgetlijn
70 afzet
49 algemene heffingskorting
78 passiva
47 sparen
38 transactiekosten
20 chartaal geld